Eindelijk weer een nacht-OL

Eindelijk weer eens een nacht-OL gelopen. Leuk dat het was! Een stuk beter dan vorige week, ging het, en dat scheelt. Eigenlijk maar een enkele kleine foutjes gemaakt, maar allemaal acceptabel. Niet echt vanwege verkeerde route-keuzes.

Het begon met wat twijfels. Ik had met Ralph afgesproken om mee te rijden, maar ik voelde me verre van lekker. Niet alleen omdat ik wat te zwaar gelunched had. Maar, niet zeuren, was het devies, en als ik eenmaal aan het lopen ben ligt mijn focus helemaal daar op.

Koud was het wel, dus met een thermo, een sport-fleece, en een ASML-windjack, op pad. Geem moment heb ik het, al lopend, koud gehad, maar warm ook niet. Opvallend was dat mijn jack wel helemaal nat was aan de binnenkant na afloop, dus genoeg is er wel gezweet. En wat ik aan had was precies goed.

Materiaal

Even was ik zenuwachtig of ik wel de juiste spullen bij me had. Kleding bleek OK. Had ik een bril tegen de uitstekende takken op moeten doen? Vermoedelijk was die meteen beslagen in de mist. Overdag maar eens proberen. Maar belangrijker in het donker, hoe kan het ook anders, is het licht.

Een hoofdlampje leek me handig voor het lezen van de kaart. Fel genoeg om mee te kijken waar ik liep was dat lampje van Xenos, van 3 euro, niet. Maar met de mist gaf het toch een hinderlijke waas voor mijn ogen, dus verplaatste ik het lampje van mijn voorhoofd naar mijn hals. Maar daar bleek het niet handig, want de bundel scheen meer op mijn borst dan op de kaart. Volgende keer zal ik hem aan moeten passen zodat hij meer naar voren schijnt; zo kan een kaart-lamp wel heel handig zijn.

Want mijn andere lamp, een Philips SFL7380, met een 3W Luxeon LED, die normaal iets van 60 lumen geeft bij 3.8V voeding, doet het op 3 lithium batterijen toch een stuk krachtiger, met een voeding van zo’n 4.8V. Zo fel dat je verblind bent als je direct op de kaart schijnt. Maar om mijn weg te vinden was hij zeker niet verkeerd. Alleen heb je geen handen vrij om kaart te lezen. En zit hij de EMIT in de weg, die ik ook in de niet-kaart-en-kompas hand heb. Da’s alles. Maar het heeft zo wel zijn voordelen:

  • In de mist is een lamp verder van je ogen een stuk aangenamer, want je kijkt niet tegen de reflectie van de verstrooiing van de bundel aan.
  • Je kan makkelijk heen en weer schijnen, op zoek naar een reflectie van een post. Sneller dan je met je hoofd kan draaien.
  • Als je een reflector zoekt kan je altijd nog de zaklamp bij je ogen in de buurt houden, om een betere reflectie te krijgen.
  • Je kan de bundel naast de kaart richten; met een hoofdlamp schijnt die altijd waar je kijkt.

Kortom, een zaklamp is zo gek nog niet. Maar toch ga ik het eens proberen met een hoofdlampje, zodra de made-in-China Cree XM-L T6 die ik een maand geleden besteld heb, binnen is. 12oo lumen! Als ik de specs moet geloven.

Donker is makkelijk

Je kan hier leuk zien hoe mijn route zich verhield tot die van de anderen. Zo zie je dat ik naar post 2 en 20 bijzonder langzaam was, want iedereen was sneller, maar op weg naar 6, 10, en 11 weer relatief snel (de andere lijntjes liggen onder mij). Posten 6, 10, 11, 12, en 18 waren lastig, maar heb ik zo te zien best snel gevonden.

En dat meen ik serieus. Net als ik autorijden in het donker aangenaam vind, omdat je alleen ziet wat je moet zien, zie je bij een OL in het donker ook bepaalde details makkelijker, zoals de reflector op de post. Het gaat dus meer om het plannen van de route, dan het zoeken naar de posten zelf, en volgens mij is dat ook meer het idee achter orientatielopen.

Aan de andere kant, je kan wel makkelijk achter anderen aanlopen. Volgens mij zie je ook in de splits-grafieken, dat er meer groepjes ontstaan: kijk maar eens naar de “Race graph” in de Splitsbrowser. Vooral het zoeken naar de post. Opeens zie je een lampje in de verte stilstaan, omlaag richten, en plotseling omdraaien en weglopen. Aha, daar moet je dus zijn. Ralph vertelde me dat hij vroeger vaak zelfs zijn lamp uit deed vlak bij de post, en pas weer aan als hij weer weg was, om anderen niet te veel te helpen. Is het flauw, om hier gebruik van te maken? Welnee, iedereen zou het doen. Maar eenmaal in een groepje bij elkaar raak je de volgers niet zo makkelijk weer kwijt. Ben je slecht in zoeken, dan heb je voordeel, maar vind je makkelijker de posten dan anderen, dan werkt het tegen je.

Kaart

(klik op de kaart om naar een grotere kaart te gaan)

Ik ga niet de hele route in detail beschrijven, en mijn beslispuntjes uitleggen. Kijk zelf maar naar de kaart van mijn route. Er zijn wel een paar punten waar ik wat sneller had kunnen zijn. De route naar 1, de vergissing bij 2, de omweg naar 4, klein foutje bij 9, en net na 15, en het zoeken naar 17. Verder ging alles redelijk ideaal.

Het eerste stuk was even wennen. Vooral aan de mist. Geklungel met mijn lampjes, te weinig handen, en een gevoel van tijdsdruk waardoor het eigenlijk wat minder efficiënt werd.

Daarna ging alles eigenlijk heel soepel. Niet alleen ik maakte gebruik van andere lampen, anderen hebben duidelijk profijt gehad van mijn af-en-toe snelle post-vondsten. Vaak bleek het sneller om over de paden te lopen, behalve dan het lange stuk naar post 4, waar we (dat stuk kwam ik Ralph tegen, en we liepen even hard) denk ik beter door kunnen steken naar de open plek net oostelijk van het pad. Het was immers goed doorloopbaar bos (volgens de kaart).

Ondanks de lampen om me heen overal zelf gezocht, behalve op weg naar 12. Daar liep zo’n kluit lopers om me heen, dat iedereen achter de voorste aan rende. Leek wel veilig. Achteraf was het westelijke pad denk ik toch te beste optie geweest, alleen riskant hoe ver je moest doorlopen voordat je het oostwaarts het bos in moest naar de post.

Maar wat me vooral opviel was de vele tijd die ik stilstond. Als ik gemiddeld tussen de 4,5 en 7,5 min/km loop, en het gemiddelde over de hele loop op bijna 12 min/km uitkomt, dan sta ik de halve tijd stil. En bij de posten heb ik 21 minuten binnen de 45 meter van het punt gedraald, wat ook vooral kaartlezen is. Kortom, als ik wat wil verbeteren, zal ik, behalve beter kaartlezen, vooral korter moeten kaartlezen. Dat kan nog een uitdaging worden. Een handiger lampje is één, maar lezen tijdens het lopen, en minder vaak lezen -beter onthouden- is nog belangrijker.

20% van de tijd stond ik de kaart te lezen. En even lang liep ik langzamer. Daar valt nog een hoop te verbeteren.

Ik denk dat vooral daar veel te halen valt. Dat wordt dus een aandachtspuntje voor de volgende keer.

2 thoughts on “Eindelijk weer een nacht-OL

  1. Goh, heb ik twee keer een verhaal getypt. Foutje… maar omdat ik niets weg kan gooien, hier alsnog de 2e tekst.
    Joehoe, weer een nachtloop! Nr 1 dit seizoen, voor mij. (Wat is een O-seizoen? Het gaat toch het hele jaar door? Klopt, maar van een O-nacht-seizoen zou je wel kunnen spreken.) Samen met Ralph Kurt ben ik er heen gereden. Onderweg na-gepraat over de Oostelbeersche heide, een week eerder. Want vóór-praten voor een OL, dat gaat nou eenmaal niet.

    Koud was het, het leek wel te vriezen, en er stond een striemende wind. Dus…thermo en een sweater aan. Ik had nog geen krachtige hoofdlamp, dus mijn Philips Luxeon zaklampje moest het doen. Maar wel met drie lithium AAA celletjes, die de led ruim een halve volt overspanning leverden vergeleken met alkaline batterijen. En dat betekent meer stroom, en dus meer licht. Het enige risico is dat ze als ze op zijn spontaan ophouden; niet langzaam, maar gewoon direct uit gaat de zaklamp. En dat kan lastig zijn.

    Maar nu ik toch over lampen bezig ben, ik vind nog steeds een zaklampje voordelen bieden. Als het mistig is bijvoorbeeld, en dat was het, zeker de eerste paar honderd meter over het open veld, werpt een hoofdlamp een lichtende waas op, precies voor je ogen. En een zaklamp die vanuit de heup schijnt heeft dat euvel niet. Daarnaast had ik nog een simpel hoofdlampje om kaart mee te lezen, maar om bovenstaande reden wilde ik die eigenlijk om mijn nek hangen, zodat het licht niet voor mijn ogen de mist op zou lichten. Echter, zo’n goedkoop Xenos lampje schijnt schijn omlaag, en met de band om de hals, vrijwel recht omlaag. Toch maar op mijn hoofd dus. Desalniettemin had ik over mijn verlichting niets te klagen, alleen heb ik me een paar keer met mijn zaklamp verblind door vol op de kaart te schijnen, waarna het 5 seconde in het duister tasten was. Alleen als ik sommige andere lampen zag, moeten die lopers zich wel een minuut hebben kunnen verblinden, zo fel waren ze; waar blijft mijn Hong-Kong Cree XML-T6?

    Terug naar het veld. Of liever gezegd, het bos, want op de eerste paar honderd meter na was het voornamelijk onder bomen rennen. Veel andere lopers kwam ik tegen. Het was een relatief klein gebied, dat een paar keer doorkruisd werd, en dan ontmoet je elkaar vaak. Maar het zien van anderen maakt het extra spannend en opzwepend. Je voelt meer van de competitie. Gaaf! Ralph was vlak achter me gestart, en haalde me al gauw in, maar vanaf dat punt werd het stuivertje wisselen wie voorop liep. Wellicht was dat een extra drive, want voor ik het wist was het al weer over en waren we gefinished.

    Pas toen voelde ik de beurse plekken op mijn been, want ik was een paar keer vol onderuit gegaan; je kan je niet echt lekker opvangen als je struikelt, met je handen vol lampen, kaarten en kompassen, en dan kan je een aardige smak maken. Volgende keer ga ik het, ondanks mijn betoog hier boven, toch maar eens met een hoofdlamp proberen, als die ten minste geleverd wordt.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *