Tag Archives: kompaskoersen

MWR2018

Gecontroleerde chaos: de MidWinterRun 2018

Anders dan anders, dat geldt toch wel elke keer opnieuw voor de Chickenpower Midwinterrun. De afstand, de start, de proloog, eigenlijk is het hele programma een verrassing. Op één dingetje na, dan (maar dat lees je op het eind).

Na een jaar overgeslagen te hebben doe ik dit jaar weer mee. In een nieuw doch beproefd team: het is weliswaar de eerste keer dat ik met Tijsbert de CPMWR loop, maar we hebben wel al vaker de WOR gelopen samen. Omdat naar het scheen de Midwinterrun wat korter was geworden, qua tijd maar ook qua afstand, zag hij het wel zitten. En ikzelf ben ook wel blij dat het geen 55+ km meer is.

Althans… Vorig jaar, hoorde ik, was het iets van 35 km: ongeveer de Woudlopers Oriëntatie Run. Da’s goed te doen. Zou het dit jaar weer zo iets zijn? Afstand is één, maar tijd is twee. Één ding is zeker: het zal minder lang duren. Want was twee jaar terug de deadline nog om 18:00, sinds vorig jaar is het 16:00 vanaf wanneer de straftijd ingaat (met maximaal 1 uur respijt en anders uitsluiting). Geen duisternis op het eind, en twee uur minder tijd, dus ongetwijfeld ook minder kilometers.

(Voor wie dit leest en het scoremechanisme niet kent: het team met de minste minuten op de klok wint de race; elke minuut na 16:00 telt dubbel. Een niet-genoteerd CP -checkpoint of controlepost- kost 30 minuten, een verkeerd genoteerd CP kost 60. En de tussentijdse deadlines, 11:00 en 14:30, kosten ook een extra minuut bij overschrijding.)

Proloog

We komen rond 7:30 aan in Lunteren waar het nog donker is. De meeste deelnemers zijn er al, en zitten zich met een kop koffie op te laden. De helft denkt te weten wat te kunnen verwachten, maar er zijn ook een aantal debutanten. Als rond 8:00 iedereen er is volgt een korte briefing. Een paar CP’s vervallen, en CP15 zit minstens 4 meter hoger dan CP14. De teams worden gesplitst. Geen verdere uitleg. De ene groep vertrekt eerst, lopend achter een Chickenpower organisator aan, de andere wacht tot ongeveer 8:35. Waar we heen gaan? Geen idee. Onderweg spotten we een bordje Gorssel. Oh. En even later bij een molen hangt Ermelo. Alweer oh. Waar slaat dit op? Wat moeten we er mee doen? Een paar straten verder hangt Borculo en ook Exel lopen we voorbij. Langzaamaan begint iedereen dingen op te schrijven. Het getal op de dichtstbijzijnde lantaarnpaal, het huisnummer er tegenover, de kleur van de markiezen van de snackbar aan de overkant, dat soort dingen. Denk ik. Ik maak een schetsje van de route die we lopen met waar ongeveer welke plaatsnaam hangt.  Na Otterlo, Vorden, en Garderen volgt Lunteren. Nou ja, dat staat op het station waar we dan pal voor staan, op het bordje staat Station. Na tien minuten arriveert de tweede groep. En dan krijgen we, om 8:55 inmiddels, de eerste opdracht en gaat het echt beginnen.

Millisecondenwerk

De eerste opdracht bevat 6 vragen, en een kaart met een tabel.

N 5 2 0 5 _ _ _ E 5 3 7 _ _ _

Als we het juiste coördinaat hebben laten zien krijgen we de rest van de opdrachten. De vragen blijken over de route te gaan, maar laten we nou net niet het aantal meters tussen Garderen en Station, en tussen Otterlo en Exel hebben uitgeteld. De rest weten we, of denken we te weten. We lopen, net als de meeste andere teams, een deel van de mysterieuze wandeling terug en gaan passen tellen om de gevraagde afstanden te bepalen. Gelukkig weten we nog waar de bordjes hangen. Maar het coördinaat dat we als antwoord hebben gevonden is fout. Nog een poging voordat we de vervolgopdracht krijgen. En elke poging kost 10 strafminuten.

Het zal wel aan de afstanden liggen. Tegels tellen dan maar, dat is nauwkeuriger. Maar ook dat klopt gewoon met de eerste schatting. Gokken we nog een keer? Elke foute gok kost weer 10 strafminuten. Terug bij de molen besluiten we dat we het bordje daar aan de oostkant passeerden, niet aan de zuidkant. Tja, dat scheelt. Niet als eerste, maar ook niet als laatste verlaten we het station. Enige vertraging, heel toepasselijk. De proloog zit er bijna op.

Afhankelijk van wat je met de gevonden cijfers doet kom je ergens anders uit. Wij checkten eerst de minst logische optie.

Maar als we dan de volgende opdracht krijgen slaat de verwarring toe: een luchtfoto van het centrum. N5205109E00537112 kan natuurlijk op verschillende manieren gelezen worden. Ndd°mm.mmm' Eddd°mm.mmm', maar ook Ndd°mm'ss.s" Eddd°mm'ss.s" of zelfs Ndd.ddddd° Eddd.ddddd° als je niet aan een eventuele decimale punt kan zien wat er bedoeld wordt. Het is natuurlijk geen UTM, RD, Lambert of Stafcoördinaten.  Notaties, notaties, notaties. Maar met één blik op de kaart is er natuurlijk maar één logische variant: Ndd°mm'ss.s" Eddd°mm'ss.s", want dat komt overeen met het grid op de kaart. Die variant gebruiken we dus niet, en we rekenen wat we interpreteren als milliminuten om in boogsecondes, om vervolgens op een compleet verkeerde plek te gaan zoeken. Nog niet helemaal wakker? ¿Más café, por favor? En waar is iedereen, trouwens?

Het is dan ook geen verrassing als we uiteindelijk op het juiste punt de haast voltallige groep overige deelnemers in en om de kiosk midden op de Lunterse dorpsbrink aantreffen, inmiddels reeds driftig bezig met de volgende opdracht. Zij wel.

Etappe 1

In de kiosk staan een aantal kaarten opgesteld, met daarop een aantal CP’s aangegeven, tussen hier en de start van etappe 2. De kaarten blijven er staan er tot 10:00, en we kunnen ze niet meenemen. Maar het is al 9:45, dus het moet in 1 keer goed gaan. Driftig maakt iedereen aantekeningen, want een kaart om deze punten op in te tekenen hebben we niet gekregen. Maar dat is ook niet nodig, we onthouden het wel, met behulp van wat globale schetsjes.

Als we voor etappe 1 een kaart hadden meegekregen, had die er zo ongeveer uitgezien.

De Koepel

Afbeeldingsresultaat voor lunteren de koepel

Het blijkt te werken, want zonder problemen vinden we ze allemaal. Niet via de allerkortste route, en bij CP8 en CP11 moeten we even zoeken. Met een ander team spreken we af elkaar in te lichten als we het CP daar vinden, maar omdat we, het blauwe kaartje eenmaal gespot, al een stuk verderop staan, er nog meer teams rondom aan het zoeken zijn, en zij nu weer net niet te zien zijn, lopen we maar door, zonder kwade opzet. Ik geloof dat ze dat niet leuk vonden. Zo gaat het soms. Er zijn nog bijna geen andere teams als we bij CP14 aankomen, het eind van deze etappe. Even wat twijfel, want ik dacht dat het CP nog vóór de plek waar de paden samen komen zou hangen, en niet onder een bankje in Uitkijktoren De Koepel, maar we wagen het er op dat dat laatste toch goed zal zijn (er schijnt overigens ook een vals CP te hangen). En nog belangrijker: CP15 vinden we bovenin de toren (die duidelijk meer dan 4 meter hoog is, dus dat klopt met de briefing), waarna we de materialen voor etappe 2 krijgen. Hoog en droog.

Etappe 2

Deel 1 van het roadbook van etappe 2.

Terwijl het elegante torentje langzaam volloopt met lopers, die allemaal in een van de vele hoekjes op de drie etages met hun kaarten in de weer gaan, beginnen ook wij te rekenen en te meten, te passen en te plannen. Verschillende kaarten, een aantal luchtfoto’s en vooral een roadbook vol coördinaten en peilingen vragen behoorlijk wat tijd om een doordacht plan op te stellen. Want terwijl 21 punten al op de kaart staan, moeten we er 6 met de hand op de juiste locatie intekenen, en zullen we voor nog eens 8 onderweg de gegevens tegenkomen, zodat we die dan pas kunnen bepalen. En de grote vraag is natuurlijk: waar zouden die ongeveer kunnen liggen, zodat we niet al te veel heen maar vooral terug moeten lopen.

De rode lijnen zijn de twee gegeven richtingen, en op het snijpunt zou CP22 liggen. Hulplijnen door CP21 en CP24 waren noodzakelijk om dit nauwkeurig te kunnen bepalen.
Heen, en toch weer weer. Het kon niet beter.

Voorbeeld: hoewel volgens het roadbook de informatie voor CP23 zich op CP21 bevindt (klinkt logisch, en omdat we daar lezen “174050 456207” ligt CP23 noordoostelijk van CP21), hebben we eerst CP24 nodig om de ligging van CP22 te bepalen. Moeten we dan weer terug? Of is de nummering gewoon arbitrair gekozen? Het blijkt het eerste: bij CP24 vinden we inderdaad twee koersen voor CP22. Die zou op 73° vanaf CP21 liggen, en op 241° van CP24, wat op zich redelijk bizar lijkt omdat de vectoren 73° en 241° slechts een hoek van 12° maken en het snijpunt daardoor al gauw enorm onnauwkeurig is (één graad fout in beide projecties en je zit er zo 30 meter naast), en dat ook nog eens uit de looprichting is, want CP25 ligt weer een eind naar het noordoosten. Maar goed, met nauwkeurig tekenen komen we een heel eind, en vinden we CP22 vrijwel direct; opmerkelijk, want het zoekgebied was toch al gauw 250 m2 groot. Ik hoop alleen niet dat met dit mazzeltje onze portie geluk voor vandaag verspeeld is.

Chaos

Sommige heuveltjes heeft het Kadaster aardig weten te treffen met hun “zwarte haaientanden”. Maar bij andere zandduinen hadden ze behoorlijk zand in hun ogen.

Via een draaihek komen we even later in een mooi ruig terrein. Het lijkt wel een natuurgebied. Er lopen zelfs (wilde?) koeien rond. We komen bij een stuk schrikdraad uit, dus lopen we maar óm de wei heen. Wat schetst onze verbazing? De koeien staan aan onze kant van het hek, buiten de wei, en we moeten er overheen springen om er úít te komen. Enfin, er volgt een lange chaotische tocht tussen punten die redelijk willekeurig over het gebied verdeeld lijken. De numerieke volgorde aanhouden is niet handig, zo veel is wel duidelijk. Al was het alleen al omdat de gegevens voor een vorig punt soms pas bij een volgend punt te vinden zijn. Maar dat geldt ook omgekeerd, zodat ‘tegen de richting in’ lopen ook geen zin heeft. Er is een kortste route te verzinnen, maar dat werkt alleen als je tevoren al alle punten kent, en dat is niet het geval. Dus we maken een schatting wat waar uit zou kunnen komen, zoals alle teams zullen moeten doen. Wij gaan met de klok mee rond. En ik denk dat onze keuze achteraf nog niet zo gek was.

Chaos op de hei. Alles wijst naar alles. Waar moeten we beginnen? Aanvankelijk weten we natuurlijk niet waar de pijlen heen wijzen. Ze geven in dit plaatje alleen aan welk punt van welk ander punt afhangt. Klik hier voor de hele kaart met de route die we liepen.

Nou ja, er zitten wel wat gekke moves tussen. Zoals ons bezoekje aan CP30. Vol overgave raggen we door het mulle zand, over spekgladde bemoste vlaktes en hellingen (en glijden meerder keren slapstick-achtig uit), en door ruige bossen. Als we op het aangeven punt CP30 op de kaart aankomen (helemaal in het noordoosten van de kaart) vinden we daar het zelfde als op CP37: niets, weer geen blauw kaartje, niets te vinden. Da’s wel erg toevallig. Zou het aan ons liggen? Of hangen er geen CP’s in deze uithoek (“Wie loopt er nou zo ver”)? We hebben ook al een tijd geen andere deelnemers meer gezien. Of hebben we per ongeluk het roadbook van 2017 gekregen?

Nee hoor. CP30 bestaat gewoon niet. Het staat alleen op de kaart getekend om als uitgangspunt voor de projectie naar CP33 te dienen, maar het staat niet als zelfstandig CP in het roadbook of op het antwoordenblad. Stom van ons; maar punten scoren zit ons in het bloed. “Maar hadden ze die truc van dat extra hulppuntje niet ook bij CP22 kunnen gebruiken om daar een wat meer haaks snijpunt te krijgen?” schiet door ons hoofd. Het ommetje langs CP30 heeft wel een kwartier gekost. En CP37, dat andere punt waar geen kaartje hing? Dat kon achteraf niemand vinden. Hebben we toch dik 10 minuten naar lopen zoeken.

Verschillende routekeuzes: paars is zoals we liepen (7,9 km in vogelvlucht), groen is de kortste route (6,5 km) van dit Traveling Salesman Problem, rood is op volgorde van CP nummer (11,6 km), geel de kortste route linksom (7,2 km) rekening houdend met de afhankelijkheden, en die is net zo lang als de cyaan route rechtsom. Het ontloopt elkaar dus allemaal niet eens zo veel.

Onderweg komen we nog meer leuke opdrachten tegen. Zoals bij CP39: “Doe alsof de hoogspanningsmast die je ziet op 243° het noorden is; dan ligt CP50 ten opzichte van CP27 op 179 meter afstand in de richting 306°”. En ergens komen we een omgekeerde projectie tegen waar de koers naar waar we dan staan wordt uitgedrukt in een richting vanaf een nog te bepalen punt. Ook is het even opletten dat de aanwijzing bij CP42 niet de koers vanaf daar naar CP46 vermeldt, maar die daar heen vanaf CP48. Maar we zijn scherp, heel scherp.

Als CP36 niet te vinden lijkt pakken we eerst CP33. En dat blijkt een uitstekend aanvalspunt voor CP36, dat we vervolgens alsnog vinden.

En soms is het ook lastig oriënteren, zoals bij CP38. Die is erg leuk geplaatst, op een soort colletje, waarvan er vlakbij nog 2 zijn die ook wel qua ligging en omgeving op het gezochte punt lijken. De verschillen zijn slechts details. Maar omdat we het juiste punt, c.q. het blauwe kaartje, niet ontdekken gaan we eerst maar naar CP33. Dat lijkt lastiger, maar blijkt eenvoudiger. Er staan geen paadjes op de kaart, maar over het algemeen hangen de CPMWR-kaartjes wel in de buurt van een paadje of kruispunt. En inderdaad, het reliëf volgend aan de hand van wat op de kaart staat, komen we er precies op uit, naast een kruispuntje. En dan, vanaf daar, blijkt het ineens heel eenvoudig om met behulp van het kompas CP38 te vinden.

Tweede deel van het roadbook van etappe 2.

Tot op dat punt aan toe blijkt -achteraf- dat we nog geen enkele fout hebben gemaakt. Nul. We moesten eens weten… Dat we tot dan toe geen fout hadden gemaakt zou goed zijn geweest voor het zelfvertrouwen. Maar de zin “tot op dat punt aan toe” in mijn verhaal betekent dat het volgend punt wel fout zou gaan. Dát hadden we moeten weten! Één kruispunt op de kaart, twee in het echt: daar klopt iets niet. Maar we vinden niets beters, en noteren het gevonden -valse- CP nummer. Ketsjing: 60 minuten straf. Schrale troost achteraf is dat maar een kwart van de teams dat punt goed heeft. Kennelijk een lastige.

CP45 vinden we terwijl we 43 zoeken. En aanvankelijk denken we ook nog dat het CP43 is.

Het is wel leuk dat we vanaf dat moment überhaupt weer andere teams zien om ons heen. Dat helpt ook om CP45 te vinden. CP45? Daarvoor moeten we eerst nog de aanwijzing bij CP42 ophalen, waar we nog helemaal niet zijn. Maar ja, dat weten we natuurlijk niet, want op de CP’s staat alleen het controlegetal, niet bij welk CP dat hoort. Maar de plek klopt niet. Meer vertwijfeling op gezichten aldaar. Toch nog verder zoeken, want we zijn op dat moment op zoek naar CP43.

Soms heeft intekenen niet zo veel zin. Als je een kompaskoers van amper honderd meter moet lopen kan je beter je kompas gebruiken en passen tellen dan een stipje op de kaart tekenen en gaan zoeken. En met die methode wagen we aldus een tweede poging. Het heeft al met al een kwartiertje extra gekost, maar we hebben nu wel het juiste CP gevonden. En het leukste is: als we later bij CP42 de aanwijzing voor de locatie van CP45 lezen, en die vervolgens intekenen, is dat exact de plek waar we dachten een vals punt voor CP43 te vinden. Laten we nou net dat valse nummer op een kladje genoteerd hebben, mocht dat ooit nog van pas komen. Twee vliegen in 1 klap! CP45 kunnen we afvinken zonder er alsnog heen te gaan.

Chaotisch verloop van etappe 2.

En zo lukt eigenlijk alles wonderwel rond Het middelpunt van Nederland (niet te verwarren met het zwaartepunt dat een flink stuk verderop ligt).

Hier lag een CP. Later zouden we er nog een vinden, op de plek waar deze pijl heen wees.

Maar intussen begint de tijd wel te dringen. Er zijn twee tussentijdse deadlines vandaag, en overschrijding er van kost 1 strafminuut per minuut. Maar we hebben uiteindelijk alle punten van de 2e etappe gevonden, op dat ene punt na dat niemand lijkt te hebben gespot. Het is erg grappig om te zien hoe alle teams, met een totaal verschillende route, deze 2e etappe hebben volbracht. Op Strava kan je de routes van wie een GPS bij zich had om de track te loggen, en deze online heeft gezet, mooi combineren. Zie hier onder:

Etappe 3

Voor de derde en laatste etappe hebben we nog anderhalf uur. Dat lijkt genoeg om de 3,5 km terug naar het station in Lunteren af te leggen, maar uiteraard zijn er nog allerlei opdrachten tussendoor. En het roadbook staat weer vol met coördinaten, peilingen, en verwijzingen tussen CP’s. We beginnen weer met intekenen. Inmiddels zijn we er achter dat het handiger is om niet de secondes van een Geografisch coördinaat om te rekenen in centimeters, en dan vanaf de, eveneens nog te bepalen nul-minuten-lijn (want de kaart toont lijnen bij arbitraire minuten, zoals N52 05'44") te meten, maar om het verschil in minuten te nemen tussen wat we zoeken en op de kaart staat, en dat met de opgemeten cm-per-minuut schaal te vermenigvuldigen. Scheelt werk en tijd. En fouten.

Roadbook van de 3e etappe.

Leuk is dat het nu behoorlijk druk is. Iedereen heeft krap-aan de etappe-deadline gehaald en zit her en der om ons heen de volgende punten en de route te bepalen. Wat me ergens ook weer verbaast, want als je naar de uitslag kijkt, zie je dat nog niet eens 1/5e van de teams de intekenpunten heeft bezocht. Kennelijk kost alleen de snelste route bepalen ook al veel tijd.

Niet als laatste gaan we op pad. Niet als enigen noteren we bij CP55 het valse CP nummer. Niet dat er niemand niet op pad gaat, maar er is wel niemand die het juiste CP55 noteert. Ook dat geeft te denken. Ik denk achteraf dat dat wat verder naar het zuiden hing. Maar ja, zoals gezegd: de tijd dringt, en dat is de oorzaak van ons 2e foutje van vandaag.

De zandafgraving in het midden is bijna dieper dan de berg die er omheen ligt hoog is. Fascinerende techniek, Lidar. Zoek eens op “AHN2” als je meer wilt zien.
Als een zwerm sprinkhanen grazen we de CP-weide af.

Met zes teams tegelijk hollen we vanaf CP56 de rimboe in naar CP57, in de zandafgraving. Braamtakken overal. Een directe koers lopen lukt voor geen meter, maar we vinden het CP wel. Op naar de volgende. Die doorsteek hadden we beter niet kunnen maken. Wat een jungle! Het is hoogst merkwaardig dat mensen kennelijk de moeite nemen om over deze wirwar van doorntakken heen te klauteren om hun huisvuil te dumpen in de natuur, maar het ligt vol met plastic en andere troep. Of was deze kuil ooit een vuilstort? Anyway, het is maar goed dat er meer teams zijn, want anders hadden we lang naar CP60 staan zoeken. Soms heb je elkaar nodig… Zij hebben weer voordeel van ons als we CP58 spotten, even later. Wat overigens niet heel relaxed gaat, want we moeten dwars over een terrein waar Jan en Alleman hun politiehonden lopen te trainen. De kuil echoot van al het geblaf, dat overal vandaan lijkt te komen. Heel apart. Hun bazen vinden ons vast weer raar: allemaal volwassen mensen die ineens uit de struiken komen hollen om er even verderop weer in te verdwijnen.

Ook de 3e etappe ziet er chaotisch uit, met alle punten die weer van andere punten afhangen.

Op veel plekken moet gepeild worden, van onder naar boven in de kuil, of omgekeerd. Zo druk zijn we in de weer, dat we bij CP64 het valse nummer noteren (15° uit de koers) en CP66 gewoon overslaan. Waarom we niet eerst naar het noorden gaan om de CP’s aldaar op te pikken? Ik denk ook iets van concentratieverlies. We hebben dan ook al bijna een Hele Marathon op de teller staan.

Goed te zien is dat we voor CP67 (bovenaan dit kaartje, onder de W van Witte Wieven) op het verkeerde punt zochten. We tekenden het RD coördinaat op de juiste plek, maar omdat er daar wat meer kruispunten te vinden waren dan de kaart liet zien, hadden we de verkeerde te pakken. Helaas hing daar een vals CP. En we waren nog wel zo blij überhaupt iets te vinden…

Maar er zijn in de bovenhoek op de kaart nog 5 CP’s, dus 150 minuten te scoren. Of gaan we de straftijd-zone in, en zijn het er maar 75 (omdat dan elke minuut zoeken dubbel telt, en dus elk CP effectief maar voor de helft)? Desalniettemin lijkt het de moeite waard, ook omdat we nog niet weten dat CP69 lastig gaat worden, en al helemaal CP67, dat we nog even snel op RD X=172736 Y=457191 moeten intekenen. In een gebied waar véél meer paden lopen dan op de kaart staan is het lastig om niet op de verkeerde plek te zoeken, en als we dan na 10 minuten iets vinden, noteren we blij ons laatste valse CP-nummer van de dag.

Terug, via het overgeslagen CP66, naar het zuiden, voor de laatste loodjes. En als een van de laatste teams, zoals je hier -wederom via Strava- kan zien. We komen niemand meer tegen het laatste half uur, tot eindelijk het eindstation in zicht komt. We zijn er! Dit was het dan…

Finish

Afbeeldingsresultaat voor station lunteren

We zijn de deadline (strategisch) gepasseerd, dus we verwachtten geen finishlint en ballonnen en juichend publiek meer, maar voor het station van Lunteren treffen we toch een onverwachte situatie aan: een keuzemoment. Er zijn twee opties.

  1. Het is voorbij. Over. Klaar. De tijd van binnenkomst is onze eindtijd (en dus krijgen we ongeveer 37 strafminuten omdat het 16:37 is).
  2. We lopen nog een extra kompaskoersenloop van 4 CP’s, vermoedelijk richting de startlocatie, en krijgen 20 minuten respijt op de deadline. Onderweg kunnen we bovendien nog 4 x 30 minuten verdienen (of verliezen, als we foute CP’s noteren; maar dat laatste gaat uiteraard niet gebeuren, we maken geen fouten).

De keuze is snel gemaakt. Stel, het kost 10 minuten extra, dan besparen we sowieso netto 20 strafminuten (2×20 omdat de deadline 20 minuten opschuift – 2×10 omdat het 10 minuten extra gaat duren voor we finishen = 20 minuten besparing), en we kunnen ook nog eens 120 bonusminuten scoren. Wie wil dat nou niet?

Het koersje van deze epiloog blijkt extreem eenvoudig, ook omdat het dezelfde route van de proloog blijkt, maar dan achterstevoren. Achterstevoren staan dan ook de in te vullen CP’s op de route, dus van 4 omlaag naar 1. Dat is de enige instinker, daar moet je even op letten. Voor de rest is het een peulenschil om de Lunterse straten te volgen via achtereenvolgens de koersen 170m@348°, 190m@278°, 249m@15°, 168m@267°, 65m@348°, 117m@36° en 152m@55°. In tien minuten verdienen we 140 punten! En we zijn bovendien eerder op de eindlocatie, want omdat de wedstrijd nog even doorloopt, doen we dit parcoursje rennend.

De uitslag

Verrassend genoeg hoeven we niet af te sluiten met een potje luchtbuksschieten bij S.V. Tyr, zoals vier jaar geleden, maar kunnen we meteen aan het bier met erwtensoep en roggebrood. Dat hebben we wel verdiend. Het begint door te dringen dat we wel eens heel hoog zouden kunnen eindigen, want het lijkt er op dat we de enigen zijn die alle CP’s hebben genoteerd. Alleen is het de vraag hoeveel valse we hebben meegepakt zonder het in de gaten te hebben. Spannend! Ik moet de rest van mijn team er van overtuigen om toch te blijven wachten op de uitslag, want Tijsbert wil al gaan. En dat wachten blijft niet onbeloond: we winnen de XVe Chickenpower Midwinterrun.  Met nota bene 7:52 uur voorsprong op het tweede team. En daarmee ben ik aangekomen op die ene factor die al die jaren niet veranderd is aan de CPMWR: de winnaars. Maar die zijn maar wat blij dat al het andere telkens weer anders is aan de MWR: het is elke keer weer een verrassing wat ons te wachten staat. En dat maakt het nou zo enorm leuk iedere keer om mee te doen.

Overpeinzingen

Het was weer een prachtige wedstrijd. Uitzonderlijk warm voor een Midwinterrun. Al moet ik zeggen dat sneeuw tijdens de race (nu twee keer meegemaakt) toch ook zijn charme heeft. En al die regen van twee jaar terug maakt die editie ook op een bepaalde manier onvergetelijk.

Al was dat snijpunt van de twee nagenoeg parallelle koersen nogal tricky, dat een CP-kaartje verdwenen is kan je de organisatie niet echt aanrekenen. En dat de kaart niet altijd klopt met de werkelijkheid, dat is onderdeel van het spel; de Topo-kaarten van het Kadaster lopen nou eenmaal een beetje achter de feiten aan en ze zijn nooit echt goed met diepte zien geweest daar. Dat weet je, daar houd je rekening mee. (Goed te weten dat bij de MWR de punten met GPS-coordinaten worden gemeten en op de kaart gezet, en dus weliswaar op de juiste plaats hangen, maar dus niet per se op de elementen die op de kaart staan; anders dan bij een IOF oriëntatieloop.) Maar al met al klopte alles dit keer buitengewoon goed.

Dat de deelnemers van statistieken houden blijkt niet alleen uit de vele lezers van deze blog (vooral in de week voor en na een WOR of MWR), maar ook uit de grafieken die bij het bekend maken van de uitslag direct werden getoond. Leuk! Dat 1/3 van de teams niet kiest voor de kompaskoersenroute op het eind bijvoorbeeld, is best opmerkelijk. En het is leuk om te zien welke CP’s wel en niet bezocht of fout genoteerd zijn.

Dat soort dingen. Het levert een levendig napraten op. Ik zal dus ook mijn duit in het zakje doen met de inmiddels bekende gekleurde uitslag-tabel.

Klik op het plaatje voor een grotere versie. Je ziet dat onze foutjes (bovenste rood-groene rij) de CP’s betreffen die wel meer teams fout noteerden. En dat de eindscore vooral wordt bepaald door de CP’s en niet door de netto tijd.

Ik ben nog benieuwd naar welke punten nou worden overgeslagen. De voorgetekende punten, daar gaan de meeste teams wel naar op zoek. Maar de specials?

Bezocht Fout
Stond in het roadbook. Maak een projectie met koersen en/of afstanden. 18 % 4 %
Stond in het roadbook. Intekenen aan de hand van coördinaten. 27 % 17 %
Gevonden in het veld. Maak een projectie met koersen en/of afstanden. 29 % 23 %
Gevonden in het veld. Intekenen aan de hand van coördinaten. 21 % 25 %

Het is allereerst opvallend hoeveel teams deze extra punten laten liggen. Driekwart van de teams slaat ze gemiddeld over. Terwijl het gaat om bijna de helft van het totaal aantal CP’s. Maar goed, bijna de helft van de teams heeft minder dan de helft van alle CP’s gevonden.

Het maken van projecties in het veld blijkt nog relatief populair. Dat komt denk ik doordat je die gewoon kan uitvoeren met kompas en passen tellen; daar komt geen kaart en gradenboog aan te pas. Want de projecties die in het roadbook staan aangegeven zijn veruit het minst populair; de geodriehoek blijkt eng. Coördinaten intekenen in het veld daarentegen blijkt een stuk minder aantrekkelijk dan wanneer ze al bij de start van een etappe zijn gegeven. Comfortabel zittend rekent ook makkelijker. En de punten die aan de hand van coördinaten in het roadbook zijn ingetekend leiden een stuk minder vaak naar een vals CP dan de punten die in het veld door middel van een projectie of koers zijn aangelopen. Maar het opvallendst is dat wie de moeite neemt om een projectie te maken aan de hand van een opdracht in het roadbook, daar kennelijk zoveel moeite voor heeft gedaan dat het ook exact klopt en gevonden wordt, want daar is uiteindelijk slechts 4% van fout.

Zwermende Midwinterrunners…

En de valse CP’s? Welke waren dat? Ik weet het niet zeker, maar aan de uitslag te zien waren het er best een aantal: ik vermoed CP 14, 19, 32, 40, 55, 62, 64 en 67. Maar het kunnen er natuurlijk veel meer geweest zijn, waar dan weer niemand in getrapt is. Van de valse CP’s die ik kan identificeren zijn er 3 normale punten (die al op de kaart stonden), 2 coördinaten uit het roadbook en 1 in het veld, en 2 projecties in het veld. Kortom, bij de specials is bijna twee keer zo vaak een vals CP in de omgeving te vinden dan bij de normale punten. Of dat klopt? Ik hoor van de mannen van Chickenpower dat bovenstaand lijstje wel zo’n beetje alle valse punten bevat. Nou ja, op 17 en 50 na. En 14 en 19 waren niet vals. Maar het aantal klopte wel ongeveer.

Voor volgend jaar

Het was tussen de 5 en 10 °C. Daarom was een korte mouwen thermo-tje en een dun  fleece daar over ruim voldoende. Ik had mijn blauwe Inov-8 Rocklite 305’s aan. Tips voor de volgende keer zijn weer de kaartroemer gebruiken, tevoren oefenen met rekenen (zeker als we weer een onregelmatig seconden-grid krijgen), aantekeningen maken onderweg (valse CP’s, gevonden opdrachten, etc.), bij het begin van de etappe alvast de volgorde noteren om niets te vergen (en niets te veel te doen; check even welke punten op de kaart niet op het antwoordenblad staan). En, ook belangrijk: water drinken. Want ik kwam weer over de eindstreep met nog bijna een liter in mijn rugzakje. Lekker nuttig. Elk uur wat eten deed ik wel, en dat was maar goed ook. Want het bleek toch bijna 48 km wat we renden, en dat doe je niet op alleen een volle buik bij de start. Nu even uitrusten tot volgend jaar.

En overwegen om dan gewoon wat punten over te slaan omdat we toch 7:51 uur kunnen laten liggen ten opzichte van de nummer twee? No way, dan zouden misschien wat missen van de ongetwijfeld wederom prachtige tocht. We wíllen overal geweest zijn.

[2013] [2014] [2015] [2016] [WOR] [Orienteering Challenges]


Kom later nog een keer terug op deze pagina als ik foto’s heb toegevoegd.

Midwinterrun 2015: 58 km op scherp

Winnen is één ding, maar uitlopen is een heel ander verhaal.

Doen we mee of niet? En met wie dit keer? Hoe gaat ons team heten? Zou het net zo ver zijn als vorig jaar, of minder? Wat zou het weer gaan doen? Nemen we jouw auto of die van mij? Zal ik 1,2 of 1,5 liter water meenemen? Wat doe ik aan? Zal ik een muesli-reep of een extra Snickers meenemen? Doen we de kaarten in één grote of in een paar kleine hoesjes? Ga ik om vijf voor zes of om tien voor zes de deur uit?

Het werd kwart voor zes, want het had gesneeuwd. Niet hier in Eindhoven, maar volgens de TV wel in de rest van het land. Dat was Goede Beslissing #1. Tevoren tanken, G.B. #2, ook door schade en IMG_8497schande, want twee jaar terug hadden we al ontdekt dat pompbediendes zaterdagmorgen voor zevenen niet werken, en we toen op de laatste druppels ternauwernood Terschuur bereikten. Maar Goede Beslissing #0 was natuurlijk dat we ons ingeschreven hadden. Want om 8:22 kwam boven de besneeuwde horizon van Ermelo aan de rand van een strak-heldere hemel een aanvankelijk ietwat waterig zonnetje tevoorschijn, dat later op de dag in zijn volle glorie het toneel van een epische tocht zou verlichten. In combinatie met de witte deken die het landschap bedekte vormde dat een lastig te weerleggen argument van de organisatie die een lijntje met boven claimde als verklaring voor het iets-té-toevallig mooie weer. Wat het ook veroorzaakt had, onder deze omstandigheden wil je natuurlijk niets anders dan dwars door de natuur raggen.

Klik op de kaart om onze route te bekijken.
Klik op de kaart om onze route te bekijken.

[Links naar MWR’13, MWR’14, WOR’12, WOR’13, WOR’15 en N8-run ’14]

Dwars door

vanhetpadje1
Niet de kortste, wel de veiligste route.

En dwars door gingen we. Soms ook raggend door de struiken, soms kruipend. En af en toe toch maar over paden. In dat opzicht is een orienteering challenge als deze anders dan een reguliere oriëntatieloop: de kaarten zijn onvolledig, beperkt, verminkt, verknipt, of ontbreken. Al dan niet met opzet. En dat betekent dat je soms, om niet van het padje te raken, of al te veel risico daar toe te lopen, volgens een sub-optimale route loopt, over gebaande paden. Gewoon, als referentie.

luchtfoto1
Luchtfoto met vooral identieke bomen. De open plek bood enige houvast.

Zoals hier naast. Op deze Top25 topografische kaart lijkt het nogal óm, maar we hadden deze topo kaart niet van dit stukje, en moesten het met een luchtfoto (links) doen, waar nauwelijks paden, alleen bomen en open plekken op stonden. Dan is twee minuten omlopen een goedkope verzekeringspremie en dus Goede Beslissing als je vervolgens het CP in één keer vindt. Dit soort overwegingen maakten we de hele tijd: kiezen we de kortste, de snelste, of veiligste route? De veiligste is vaak de snelste, en da’s wat telt. Met dat gegeven in het achterhoofd is onze gevolgde route over het algemeen zo gek nog niet.

47 < x < 58 km

CPAls wij minder ver zouden hebben willen lopen, minder ver dan de 58 km die we uiteindelijk in de benen hadden, zouden we toch 47 km onderweg zijn geweest. Dat is wat ik achteraf uitreken als ik alle foutjes in onze route er af haal. Iets meer dan de 45 km die ik ook heb horen noemen, maar dat komt natuurlijk doordat het bij elke kruising weer gokken is op welke hoek de boom staat waar het CP kaartje aan hangt. Een paar -zeg maar 57- ommetjes van 20-30 meter, is het gevolg. Waarom dan toch 58 km? Tel maar even mee:

1.7 km proloog …tot we door hadden wat precies de bedoeling was
0.6 km CP6 voordat we door hadden waar het op de luchtfoto ingetekende CP in werkelijkheid lag
5.4 km memorisatie post #2 twee keer terug geweest om te concluderen dat het CP verdwenen was
0.9 km CP33 omdat we bij CP32 beseften dat we bij CP31 de aanwijzing voor CP33 niet hadden genoteerd
0.6 km CP34 de enveloppe met (oude) kaarten vergeten bij de laatste kaartenwissel
0.6 km CP61 omdat we ons halverwege CP63 realiseerden dat we CP61 voorbij waren gelopen
9.8 km  totaal verklaarbaar omgelopen
korter
Dat rode, dat had niet gehoeven. Hoewel het natuurlijk schitterende kilometers waren, en 58 km ook wel weer een stoer verhaal is voor thuis.

Memorisatie

Al die losse teveel gelopen hectometertjes zijn natuurlijk peanuts vergeleken bij de 5½ km die we bij de memorisatie hebben verbrand. En waar we ook nog eens 40 minuten mee bezig zijn geweest, veel meer dan de 30 strafminuten die het punt simpelweg overslaan zou hebben gekost. Maar om dat te begrijpen moet je je even in onze situatie verplaatsen:

memorisatie
Over de schouder meekijkend naar de memorisatiekaart, met in het midden het gewraakte punt #2.

Memorisatie houdt in dat je uit het hoofd een route of een aantal punten moet aflopen. De kaart hangt op een vast punt (of soms op meer plaatsen, dan heet het eilandmemorisatie), en als je het niet meer weet mag je daar terugkomen om nog een keer te kijken, maar dat kost natuurlijk wel extra tijd.

Na een paar minuten hadden we -dachten we- alles wel in ons hoofd zitten. Het leek simpel, maar toen we het derde punt van de vijf op de route niet konden vinden sloeg de twijfel toe. En dan is het ontbreken van een kaart ineens een groot gemis, want verifiëren waar de fout zit is niet mogelijk. Dus gingen we maar elk nabijgelegen kruispunt af. Niet vinden zou een half uur straftijd kosten, en dan kan je beter nog 5 minuten langer zoeken. Toch? Tot het echt niet lukt. Na vijf minuten gingen we verder naar de volgende punten, die we kennelijk perfect onthouden hadden. Maar na het 5e punt gevonden te hebben dacht ik zeker te weten waar het 3e dan moest liggen. Dus gingen we terug daar heen. Weer tien minuten zoeken, alvorens naar de start van deze ronde terug te keren. Zo’n memorisatiekaart brandt toch minder makkelijk op je netvlies dan het beeld van het half ontbonden lijk dat ik twee weken eerder in het bos bij Heeze vond. Dus gingen we alsnog terug naar de start van de memorisatieronde om de lijst met alle gevonden CP’s van etappe 1 in te leveren. De verloren tijd waren we kwijt, daar was niets meer aan te doen. Of toch wel? IMG_8540Bij de schaapskooi aangekomen, waar inmiddels ook veel andere teams waren gearriveerd, keken we nog een keer op de luchtfoto. Het zag er toch zo makkelijk uit. Het was maar 5 minuten heen en terug naar het punt, dus 10 minuten lopen, en dat zou ons alsnog 30 minuten winst opleveren. Op dat moment was het een kosten-baten verhaal. Kosten: 10 minuten lopen en een minuutje zoeken, en baten: 30 minuten straftijd inhalen. Dus 19 minuten winst. Daar lopen we wel een km extra voor.

Als je zo redeneert kan je op elk niet-gevonden punt wel uren blijven zoeken, maar op dat moment was dat de simpele realiteit. Zo gezegd, zo gedaan. Alleen niet zo gevonden. Schrale troost: niemand vond dit memorisatie punt; het was er gewoon helemaal niet (meer).

Maar dat soort beslissingen: langer zoeken, of doorlopen, gokken dat ergens een doorgang is, terug of niet bij twijfel, punten al dan niet overslaan – iedereen heeft ze continue moeten nemen, de andere teams misschien nog wel meer dan wij, want wij hadden de luxe voorop te lopen en gewoon elk CP af te kunnen gaan binnen de tijd.

Hadden we dan nog langer door moeten blijven zoeken naar het ontbrekende CP? Zolang je er geen andere punten voor hoeft te laten liggen om binnen de tijdslimiet te blijven, en je het binnen minder minuten kan vinden dan de strafpunten die er tegenover staan, is blijven zoeken altijd de moeite waard. We zouden in 11 minuten wel even 30 minuten terugverdienen. Zo lijkt het.

Maar dát is niet waar. Als je na 19 minuten zoeken een CP niet gevonden krijgt is de kans dat je het dan ineens wel vindt een stuk kleiner dan wanneer je nog niet gezocht hebt. Stel, die is dan 1:10. Dan leveren die 11 minuten naar alle waarschijnlijkheid nog maar 1/10 van 30, dus 3 minuten, op. Niet doen dus!

Etappe 2

SAM_0259En ook etappe drie: ik ga ze niet punt voor punt beschrijven. Als ik er aan terugdenk trekt er een enorme diversiteit aan landschappen en situaties voorbij. Van de uitgestrekte sneeuwvlakte op de hei in het begin van route, tot de eenzaamheid van het donkere bos rond CP5 t/m CP13. Van de memorisatie op de vlakte vol fietsers en wandelaars, tot de prehistorische grafheuvels er na met sleeënde kinderen er op. En van de woonwijk waar geen uitweg uit leek, tot kasteel Oud-Groevenbeek aan het eind van een statige laan. En dan waren er nog de eindeloze polderwegen ten westen van het spoor, de hoogspanningsmasten tussen de fruitbomen en de riekende kippenschuur in het schemerdonker om tien voor zes. Elk met hun eigen emotie behorende bij deze fase van de wedstrijd.

Hightlights

De Sneeuw was natuurlijk hét kenmerk van de dag. Verblind door zoveel wit gingen we meteen de mist in bij de proloog met 6 koersen en afstanden. Na het eerste punt op 29° gevonden te hebben, las ik de koers naar het tweede, 330°, en, met de notoire instinkers van de WOR nog vers in het geheugen, bedacht ik zonder na te denken dat dat samen ongeveer 360° was, en punt 2 dus ongeveer bij de start lag, waar we net vandaan kwamen. Hadden we beter eerst alle punten kunnen uittekenen? schaduwenOf zouden de 6 koersen niet sequentieel zijn, maar als zonnestralen allemaal vanaf het startpunt, om de teams uit elkaar te trekken? Anyway, toen punt 2 niet bij de start bleek te liggen, viel het kwartje, en scoorden we punt na punt. De zigzag-route in de kortste, in plaats van de gegeven volgorde lopen had een km gescheeld, maar of we alle 6 peilingen in 5 minuten zouden hebben herberekend valt ten zeerste te betwijfelen. We hadden in elk geval als afsluiting een coördinaat gevonden, en daar gingen we heen. Ter plaatse stond Jan foto’s te maken, dus liepen we 30 meter door naar een van de andere organisatoren, met een stapel enveloppen in zijn hand. Bleek dat het niet de juiste stapel was. Door naar -ik meen- Harry die weer even verderop stond. Ook niet. De fotograaf had nu wel enveloppen, en dus ook de onze, met de kaarten voor de 1e etappe. De anderen waren -voor ons team- valse, zij het levende, CP’s.

In een fietstunnel was gelegenheid om de punten van de eerste etappe te tekenen op de kaarten. Lekker droog, als het gesneeuwd had. Tevens een intuïtief argument om veilig de N-weg over te steken. Goed gedaan.

Telkens weer was het een puzzel om de diverse kaarten aan elkaar te passen. Meestal was het wel te doen aan de hand van een enkel coördinaat aan de rand van de kaart, maar soms was het ook een kwestie van passen en meten tot we weggetjes vonden die enigszins de juiste hoek maakten, of een snijpunt leken te hebben dat dan op een andere kaart te vinden was. De juiste plek van de laatste luchtfoto vonden we na lang zoeken, maar die hadden we anders ook met de wandelrouteknooppuntenkaart in het veld bij CP63 kunnen geo-referencen, wat just in time was geweest want CP64 t/m CP66 stonden op deze luchtfoto, punten die veel andere teams maar hebben laten schieten.

Hier boven kan je zelf de kaarten naar de juiste plek slepen, om er één route van te maken. Pak een kaart met je muis en versleep hem. Pak de oost- of zuidkant of zuidoosthoek  van een kaart om hem te schalen. Je kan het geruite achtergrond-grid ook verslepen, met alle kaarten tegelijk. Als je er niet uit komt, dan kan je hier klikken voor de “oplossing”.

De memorisatie-etappe, twee jaar geleden bij de MWR nog ons sterke punt, bleek nu toch een pittige opgave, die veel tijd gekost heeft. IMG_8503Maar het blijft wel een leuk concept. Alleen eilandmemorisatie is nóg een mooier woord.

Op een gegeven moment, bij CP 23, komen we vast te zitten in een villawijk. Cul de sac klinkt chiquer. Alle wegen lopen dood. Uiteraard heeft de organisatie voor de complete route en alle denkbare varianten toestemming gevraagd, dus mét toestemming mag je ergens door. Een sneeuwruimende bewoner vertelt weliswaar dat er geen brandgang is tussen enig huis, maar hij voegt er trots aan toe dat zijn tuin wel een hek heeft aan de achterkant. En of we daar gebruik van willen maken. Voilà: toestemming. En een paar honderd meter bespaard. Goede Beslissing, zeg ik.

De tuin (en een hoop wegen en bospaadjes) leiden ons naar een speeltuin waar vrolijk gesleed wordt. Nou ja, sleeën verveelt ook op den duur, want alle kinderen willen weten wat wij nou al tien minuten lopen te zoeken. Tot we bovenop een schommel, maar verstopt  onder een dik pak sneeuw, een hoekje van een blauw CP kaartje zien. Klimmen. En natuurlijk weer netjes, onder een minstens zo dik pak sneeuw, achterlaten. 🙂

Alsof we nog niet genoeg geklauterd hebben zijn de volgende 6 punten allemaal klimtoestellen. En de opdracht luidt: noteer het hoogste CP nummer. Uitzoeken dat 34 boven 32 en 33 is geplaatst kost minder tijd dan beslissen of het zo simpel is als het lijkt of dat er nog een addertje onder de 3 meter 30 zit. Het blijkt dat we de zoveelste Goede Beslissing van de dag nemen.

kasteelDan volgt weer een prachtig stuk. Hebben we soms het gevoel dat we door een onbewoonde witte wereld rennen op zoek naar dingen waarvan geen sterveling vermoedt dat ze bestaan (de blauwe kaartjes), dan weer passeren we een kasteel met een hoop flanerend gepeupel in de tuin en mensen met hond. Erg verrassend. Zo zeer zelfs dat we even later in ons enthousiasme de opdracht bij CP 31 overslaan. We springen slootje op weg naar CP 32 maar kunnen dus weer terug. De opdracht levert CP 33 op, uiteraard aan de overkant van een watertje, maar dezelfde beek die net nog overspringbaar was blijkt op dat punt wat breder. Omlopen is voor watjes, dus tot aan de knieën worden we nat. Maar dat deert niet met een O-crew survival broek.

Is het nog ver? is de  hamvraag als we aan het eind van de 2e etappe de kaarten voor de, hopelijk, laatste krijgen. We hebben dan al bijna 41 km gelopen. Genoeg. Maar het is pas half drie, dus qua tijd zitten we op ongeveer 2/3. Als alles proportioneel gaat hebben we nog een halve marathon te gaan. Mijn laatste Snickers bewaar ik dus nog maar even. (For the record: de laatste etappe lopen we in exact 3:00 uur, en 18,0 km.) Ruim een half uur staan we te tekenen met coördinaten, te puzzelen met losse stukken kaart en te plannen met handelsreizigersproblemen en verspreide punten. En dan is er nog het railroadblock. Óver het spoor gaan was niet toegestaan ter lengte van de rode lijn.

Óver het spoor gaan was niet toegestaan ter lengte van het (rode) railroadblock.
Óver het spoor gaan was niet toegestaan ter lengte van het (rode) railroadblock. Maar over ónderdoor werd niets gezegd.

Maar over ónderdoor werd niets gezegd. We plannen in eerste instantie om via CP43, CP44, CP47 en CP46 naar het spoor te rennen en te kijken of daar misschien een tunnel is, wat op de kaart niet direct te zien is. Maar omdat we bij CP47 ontdekken dat we de kaarten van de vorige etappes hebben laten liggen, en die -wie weet- nog van pas kunnen komen, gaan we terug naar CP42, het kaarttekenpunt. Vanaf daar is ineens de route naar CP53 aantrekkelijk geworden, en dus ook CP45 en wellicht ook het nog in te tekenen CP50 waar we op CP45 de informatie voor zullen vinden.

Het blijkt uitstekend uit te pakken. Na CP50, vlak bij CP45, moeten we naar CP46. Zou er een alternatieve route zijn? Een blauw lijntje op de kaart lijkt onder het spoor door te lopen, dus waarom zouden wij dat niet kunnen? Er blijkt inderdaad een soort zinker onder het spoor door te lopen, een buis van een meter doorsnede waar het beekje door stroomt. Wij blijken er op handen en voeten ook nog bij te passen, en komen -ook al zou niemand het hebben gezien als we 30 meter verderop over de overweg zouden zijn gelopen- met een schoon geweten aan de overkant van het virtuele rode obstakel. Als dat geen Goede Beslissing was?

Dat was niet de eerste tunnel vandaag. Want direct aan de start van de laatste etappe bleek CP43 zich ook al onder het maaiveld te bevinden. Allemaal iets té toevallig dat zich daar een survivalbaantje bevond met een gat in de grond, én een van de organisatoren met een fototoestel.

SAM_0260SAM_0261SAM_0262SAM_0263

Survivalheld Patrick had het genoegen down under te mogen gaan en het CP nummer te noteren (want hij had van ons beide het donkerste shirt aan en dan zie je de vlekken niet zo).

Nagenoeg vlekkeloos verliep de rest van de etappe. Strak oriënteren, slim plannen, en stevig doorlopen. We leerden dat wanneer een CP min of meer in het midden van een perceel lag, niet aan een pad op de kaart, daar gewoon telkens een paadje heen liep. Tja, zo’n tocht als vandaag stippel je kennelijk uit op de fiets…

snijpunt
Ondanks de verwachte nauwkeurigheid van het snijpunt van hooguit een paar honderd meter, blijkt achteraf dat het punt dat we ter plaatse tekenden op de kaart dead-on was. Louter toeval. We lopen onder de hoogspanningslijn (zwarte streep met knik) door de boomgaard (veld met bolletjes), maar geven een paar meter te vroeg op.

Enthousiast, maar kennelijk ook moe, renden we CP61 voorbij, bedenkend wat er bij CP63 voor aanwijzing te vinden zou zijn die een half uur bonustijd op kon leveren. We zouden nog even nieuwsgierig moeten blijven, want we holden eerst nog even terug naar CP61. Onderweg kwamen we inmiddels ook andere teams tegen die de derde etappe in een andere volgorde liepen. Bij CP63 vonden we dat CP62, het bonuspunt, lag op het snijpunt van een koers vanuit knooppunt 35 (een fietsroutenetwerkknooppunt – red.) -daar waren we net, toen we CP61 alsnog scoorden-, en een koers vanuit Telgt, wat een gehucht 2 km noordelijker is. Dat het 30 minuten extra winst op levert is nu wel begrijpelijk, want het lijkt een bijna onmogelijke opgave. Een foutje van 1 graad -de resolutie van een geodriehoek- op 2km afstand resulteert in een fout van ±35 meter. Daar komt bij dat Telgt weliswaar klein is, maar toch, met 860 inwoners, geen punt. Op de wandelkaart op het bord waar we naast stonden was Telgt een stip zo groot als een erwt, maar dan wel een met een straal van 50 meter. Neem daar bij het gegeven dat de twee peilingen een hoek van slechts 30° met elkaar maakten, en je komt al gauw uit op een strook van 170 bij 300 meter. Kortom, de 5 hectare waar CP62 kon liggen afzoeken naar een kaartje van 50 cm², dat was nog erger dan een speld in een hooiberg. Met enig gezond boerenverstand kwamen we op een stuk of drie kandidaat-locaties, en besloten we de route van de hoogspanningslijn door de boomgaard te volgen (zie kaartje). Echter, bij de weg ten noorden daar van gekomen gaven we het op, want de kans dat ons getekende snijpunt -dat we puur indicatief veronderstelden- op de speld uitkwam achtten we nihil. Dit gebrek aan vertrouwen blijkt achteraf ongegrond, want het CP schijnt een paar meter ten noorden van de weg gehangen te hebben, exact waar we toevallig ons kruisje tekenden. Niemand vond dit punt…

Finish

IMG_8586
De winnaars hebben nóg lange lol van de tocht.

De schemer valt in, de winegums en het water raken op, en we zitten er helemaal doorheen, als we de laatste punten op een luchtfoto succesvol lokaliseren. (Later blijkt dat veel teams de hele luchtfoto niet hebben weten te lokaliseren, laat staan de punten er op.) De geur van de finish sleept ons door de laatste meters en doorntakken, en exact om 18:00 melden we ons weer bij de gastvrije Scouting-keet die vandaag start en tevens finish is.

Het zit er op. Er zijn warme douches, pannen erwtensoep, roggebrood met spek, bier, droge kleren, en blije koppen van uitgeputte maar voldane mede-deelnemers. Het was weer een prachtige race, 58 km genieten van fysieke en mentale inspanning tussen bepoedersuikerde landschappen. Laat er nou ook een bus van dat witte spul in het prijzenpakket voor de winnaars zitten, naast andere winterse lekkernij, zodat het genieten ook na de finishvlag nog een tijd doorgaat. Het was weer een epische tocht, waarvoor we de organisatoren, Team Chickenpower, hartelijk bedanken. Ze hebben wederom een heel scala oriëntatietechnieken weten te combineren met een mooie toch, prachtig weer, een uitdagende afstand, uitstekende organisatie en faciliteiten, en een aantal briljante hindernissen, zoals het railroadblock in combinatie met de zinker. MWR2015_Omap_PaalbergEen opgave als “noteer het hoogste CP nummer” neigt naar een Woudloper-opdracht. Leuk!

En wil je het nog een keer nabeleven? Dat kan op de site 2DReRun van oriënteur Jan Kocbach. Als je ook een GPS-track hebt en me die mailt kan ik die toevoegen. Wist je dat een van de terreinen waar we vandaag door kwamen soms het toneel is van een IOF oriëntatie wedstrijd?

Gekleurde vlakjes

SAM_0237Of ik weer zo’n verslag als vorig jaar ging schrijven – dat was een veel gehoorde vraag na afloop. Hier is het dan. De conclusies van de statistische analyses van vorig jaar blijven overeind, dus die hoef ik niet te herhalen, maar ik zal de gekleurde uitslagentabel weer toevoegen. De deelnemers houden immers wel van een rekensommetje en wat meetkunde, anders waagden ze zich hier niet aan.

Wat opvalt is dat de laatste etappe #3 door de meeste teams maar marginaal is bezocht. Het was dan ook best ver. Sommige teams zijn duidelijk selectief te werkt gegaan, wat ze geen windeieren heeft gelegd. Met 20 overgeslagen punten viel een 3e plaats te scoren.

Klik op de tabel om deze in leesbaar formaat te bekijken.
Klik op de tabel om deze in leesbaar formaat te bekijken.

Relatief veel punten werden verloren op de koersen tijdens de proloog. En maar ongeveer de helft van de teams bezocht (of vond) de intekenpunten. Ze geven de voorkeur aan de punten die al op de diverse kaarten waren aangegeven. En niet alleen de punten waarvoor je onderweg pas aanwijzingen kreeg werden overgeslagen, ook een flink aantal van de tevoren te bepalen coördinaten en peilingen. Opvallend genoeg is CP18, waarvoor je in het veld een projectie moest maken, en die de verkeerder kant op lag, juist wel weer vaak is bezocht. Het vinden van een nummer op een lantaarnpaal bleek extreem lastig (CP23), evenals het bepalen van het snijpunt van twee peilingen (CP30 en CP62). Een aantal teams sloeg (tactisch) de memorisatie over, en heeft dus ook geen tijd verloren met het zoeken naar het beruchte punt dat er niet was.

taartEn waar wij onze tijd aan hebben besteed? Kijkt hier naast maar. Dik 4½ uur -bijna de helft van de tijd- hebben we gerend, gemiddeld 10.7 km/h. Alles onder de 6 km/h heet “lopen”, en onder de 3 km/h heet het “stilstaan”. Dat kost overigens knap veel tijd als je het bij elkaar optelt, ongeveer 3 minuten per CP.

In kilometers hebben we ruim 86% gerend. En toch maar 78% van de tijd? Hoe kan dat? Simpel: het aantal uren dat we snelle kilometers maakten is naar verhouding minder dan dat we langzamer kilometers maakten, omdat we die kilometers sneller gingen. Denk daar maar eens over na…