Tag Archives: challenge

Midwinterrun 2015: 58 km op scherp

Winnen is één ding, maar uitlopen is een heel ander verhaal.

Doen we mee of niet? En met wie dit keer? Hoe gaat ons team heten? Zou het net zo ver zijn als vorig jaar, of minder? Wat zou het weer gaan doen? Nemen we jouw auto of die van mij? Zal ik 1,2 of 1,5 liter water meenemen? Wat doe ik aan? Zal ik een muesli-reep of een extra Snickers meenemen? Doen we de kaarten in één grote of in een paar kleine hoesjes? Ga ik om vijf voor zes of om tien voor zes de deur uit?

Het werd kwart voor zes, want het had gesneeuwd. Niet hier in Eindhoven, maar volgens de TV wel in de rest van het land. Dat was Goede Beslissing #1. Tevoren tanken, G.B. #2, ook door schade en IMG_8497schande, want twee jaar terug hadden we al ontdekt dat pompbediendes zaterdagmorgen voor zevenen niet werken, en we toen op de laatste druppels ternauwernood Terschuur bereikten. Maar Goede Beslissing #0 was natuurlijk dat we ons ingeschreven hadden. Want om 8:22 kwam boven de besneeuwde horizon van Ermelo aan de rand van een strak-heldere hemel een aanvankelijk ietwat waterig zonnetje tevoorschijn, dat later op de dag in zijn volle glorie het toneel van een epische tocht zou verlichten. In combinatie met de witte deken die het landschap bedekte vormde dat een lastig te weerleggen argument van de organisatie die een lijntje met boven claimde als verklaring voor het iets-té-toevallig mooie weer. Wat het ook veroorzaakt had, onder deze omstandigheden wil je natuurlijk niets anders dan dwars door de natuur raggen.

Klik op de kaart om onze route te bekijken.
Klik op de kaart om onze route te bekijken.

[Links naar MWR’13, MWR’14, WOR’12, WOR’13, WOR’15 en N8-run ’14]

Dwars door

vanhetpadje1
Niet de kortste, wel de veiligste route.

En dwars door gingen we. Soms ook raggend door de struiken, soms kruipend. En af en toe toch maar over paden. In dat opzicht is een orienteering challenge als deze anders dan een reguliere oriëntatieloop: de kaarten zijn onvolledig, beperkt, verminkt, verknipt, of ontbreken. Al dan niet met opzet. En dat betekent dat je soms, om niet van het padje te raken, of al te veel risico daar toe te lopen, volgens een sub-optimale route loopt, over gebaande paden. Gewoon, als referentie.

luchtfoto1
Luchtfoto met vooral identieke bomen. De open plek bood enige houvast.

Zoals hier naast. Op deze Top25 topografische kaart lijkt het nogal óm, maar we hadden deze topo kaart niet van dit stukje, en moesten het met een luchtfoto (links) doen, waar nauwelijks paden, alleen bomen en open plekken op stonden. Dan is twee minuten omlopen een goedkope verzekeringspremie en dus Goede Beslissing als je vervolgens het CP in één keer vindt. Dit soort overwegingen maakten we de hele tijd: kiezen we de kortste, de snelste, of veiligste route? De veiligste is vaak de snelste, en da’s wat telt. Met dat gegeven in het achterhoofd is onze gevolgde route over het algemeen zo gek nog niet.

47 < x < 58 km

CPAls wij minder ver zouden hebben willen lopen, minder ver dan de 58 km die we uiteindelijk in de benen hadden, zouden we toch 47 km onderweg zijn geweest. Dat is wat ik achteraf uitreken als ik alle foutjes in onze route er af haal. Iets meer dan de 45 km die ik ook heb horen noemen, maar dat komt natuurlijk doordat het bij elke kruising weer gokken is op welke hoek de boom staat waar het CP kaartje aan hangt. Een paar -zeg maar 57- ommetjes van 20-30 meter, is het gevolg. Waarom dan toch 58 km? Tel maar even mee:

1.7 km proloog …tot we door hadden wat precies de bedoeling was
0.6 km CP6 voordat we door hadden waar het op de luchtfoto ingetekende CP in werkelijkheid lag
5.4 km memorisatie post #2 twee keer terug geweest om te concluderen dat het CP verdwenen was
0.9 km CP33 omdat we bij CP32 beseften dat we bij CP31 de aanwijzing voor CP33 niet hadden genoteerd
0.6 km CP34 de enveloppe met (oude) kaarten vergeten bij de laatste kaartenwissel
0.6 km CP61 omdat we ons halverwege CP63 realiseerden dat we CP61 voorbij waren gelopen
9.8 km  totaal verklaarbaar omgelopen
korter
Dat rode, dat had niet gehoeven. Hoewel het natuurlijk schitterende kilometers waren, en 58 km ook wel weer een stoer verhaal is voor thuis.

Memorisatie

Al die losse teveel gelopen hectometertjes zijn natuurlijk peanuts vergeleken bij de 5½ km die we bij de memorisatie hebben verbrand. En waar we ook nog eens 40 minuten mee bezig zijn geweest, veel meer dan de 30 strafminuten die het punt simpelweg overslaan zou hebben gekost. Maar om dat te begrijpen moet je je even in onze situatie verplaatsen:

memorisatie
Over de schouder meekijkend naar de memorisatiekaart, met in het midden het gewraakte punt #2.

Memorisatie houdt in dat je uit het hoofd een route of een aantal punten moet aflopen. De kaart hangt op een vast punt (of soms op meer plaatsen, dan heet het eilandmemorisatie), en als je het niet meer weet mag je daar terugkomen om nog een keer te kijken, maar dat kost natuurlijk wel extra tijd.

Na een paar minuten hadden we -dachten we- alles wel in ons hoofd zitten. Het leek simpel, maar toen we het derde punt van de vijf op de route niet konden vinden sloeg de twijfel toe. En dan is het ontbreken van een kaart ineens een groot gemis, want verifiëren waar de fout zit is niet mogelijk. Dus gingen we maar elk nabijgelegen kruispunt af. Niet vinden zou een half uur straftijd kosten, en dan kan je beter nog 5 minuten langer zoeken. Toch? Tot het echt niet lukt. Na vijf minuten gingen we verder naar de volgende punten, die we kennelijk perfect onthouden hadden. Maar na het 5e punt gevonden te hebben dacht ik zeker te weten waar het 3e dan moest liggen. Dus gingen we terug daar heen. Weer tien minuten zoeken, alvorens naar de start van deze ronde terug te keren. Zo’n memorisatiekaart brandt toch minder makkelijk op je netvlies dan het beeld van het half ontbonden lijk dat ik twee weken eerder in het bos bij Heeze vond. Dus gingen we alsnog terug naar de start van de memorisatieronde om de lijst met alle gevonden CP’s van etappe 1 in te leveren. De verloren tijd waren we kwijt, daar was niets meer aan te doen. Of toch wel? IMG_8540Bij de schaapskooi aangekomen, waar inmiddels ook veel andere teams waren gearriveerd, keken we nog een keer op de luchtfoto. Het zag er toch zo makkelijk uit. Het was maar 5 minuten heen en terug naar het punt, dus 10 minuten lopen, en dat zou ons alsnog 30 minuten winst opleveren. Op dat moment was het een kosten-baten verhaal. Kosten: 10 minuten lopen en een minuutje zoeken, en baten: 30 minuten straftijd inhalen. Dus 19 minuten winst. Daar lopen we wel een km extra voor.

Als je zo redeneert kan je op elk niet-gevonden punt wel uren blijven zoeken, maar op dat moment was dat de simpele realiteit. Zo gezegd, zo gedaan. Alleen niet zo gevonden. Schrale troost: niemand vond dit memorisatie punt; het was er gewoon helemaal niet (meer).

Maar dat soort beslissingen: langer zoeken, of doorlopen, gokken dat ergens een doorgang is, terug of niet bij twijfel, punten al dan niet overslaan – iedereen heeft ze continue moeten nemen, de andere teams misschien nog wel meer dan wij, want wij hadden de luxe voorop te lopen en gewoon elk CP af te kunnen gaan binnen de tijd.

Hadden we dan nog langer door moeten blijven zoeken naar het ontbrekende CP? Zolang je er geen andere punten voor hoeft te laten liggen om binnen de tijdslimiet te blijven, en je het binnen minder minuten kan vinden dan de strafpunten die er tegenover staan, is blijven zoeken altijd de moeite waard. We zouden in 11 minuten wel even 30 minuten terugverdienen. Zo lijkt het.

Maar dát is niet waar. Als je na 19 minuten zoeken een CP niet gevonden krijgt is de kans dat je het dan ineens wel vindt een stuk kleiner dan wanneer je nog niet gezocht hebt. Stel, die is dan 1:10. Dan leveren die 11 minuten naar alle waarschijnlijkheid nog maar 1/10 van 30, dus 3 minuten, op. Niet doen dus!

Etappe 2

SAM_0259En ook etappe drie: ik ga ze niet punt voor punt beschrijven. Als ik er aan terugdenk trekt er een enorme diversiteit aan landschappen en situaties voorbij. Van de uitgestrekte sneeuwvlakte op de hei in het begin van route, tot de eenzaamheid van het donkere bos rond CP5 t/m CP13. Van de memorisatie op de vlakte vol fietsers en wandelaars, tot de prehistorische grafheuvels er na met sleeënde kinderen er op. En van de woonwijk waar geen uitweg uit leek, tot kasteel Oud-Groevenbeek aan het eind van een statige laan. En dan waren er nog de eindeloze polderwegen ten westen van het spoor, de hoogspanningsmasten tussen de fruitbomen en de riekende kippenschuur in het schemerdonker om tien voor zes. Elk met hun eigen emotie behorende bij deze fase van de wedstrijd.

Hightlights

De Sneeuw was natuurlijk hét kenmerk van de dag. Verblind door zoveel wit gingen we meteen de mist in bij de proloog met 6 koersen en afstanden. Na het eerste punt op 29° gevonden te hebben, las ik de koers naar het tweede, 330°, en, met de notoire instinkers van de WOR nog vers in het geheugen, bedacht ik zonder na te denken dat dat samen ongeveer 360° was, en punt 2 dus ongeveer bij de start lag, waar we net vandaan kwamen. Hadden we beter eerst alle punten kunnen uittekenen? schaduwenOf zouden de 6 koersen niet sequentieel zijn, maar als zonnestralen allemaal vanaf het startpunt, om de teams uit elkaar te trekken? Anyway, toen punt 2 niet bij de start bleek te liggen, viel het kwartje, en scoorden we punt na punt. De zigzag-route in de kortste, in plaats van de gegeven volgorde lopen had een km gescheeld, maar of we alle 6 peilingen in 5 minuten zouden hebben herberekend valt ten zeerste te betwijfelen. We hadden in elk geval als afsluiting een coördinaat gevonden, en daar gingen we heen. Ter plaatse stond Jan foto’s te maken, dus liepen we 30 meter door naar een van de andere organisatoren, met een stapel enveloppen in zijn hand. Bleek dat het niet de juiste stapel was. Door naar -ik meen- Harry die weer even verderop stond. Ook niet. De fotograaf had nu wel enveloppen, en dus ook de onze, met de kaarten voor de 1e etappe. De anderen waren -voor ons team- valse, zij het levende, CP’s.

In een fietstunnel was gelegenheid om de punten van de eerste etappe te tekenen op de kaarten. Lekker droog, als het gesneeuwd had. Tevens een intuïtief argument om veilig de N-weg over te steken. Goed gedaan.

Telkens weer was het een puzzel om de diverse kaarten aan elkaar te passen. Meestal was het wel te doen aan de hand van een enkel coördinaat aan de rand van de kaart, maar soms was het ook een kwestie van passen en meten tot we weggetjes vonden die enigszins de juiste hoek maakten, of een snijpunt leken te hebben dat dan op een andere kaart te vinden was. De juiste plek van de laatste luchtfoto vonden we na lang zoeken, maar die hadden we anders ook met de wandelrouteknooppuntenkaart in het veld bij CP63 kunnen geo-referencen, wat just in time was geweest want CP64 t/m CP66 stonden op deze luchtfoto, punten die veel andere teams maar hebben laten schieten.

Hier boven kan je zelf de kaarten naar de juiste plek slepen, om er één route van te maken. Pak een kaart met je muis en versleep hem. Pak de oost- of zuidkant of zuidoosthoek  van een kaart om hem te schalen. Je kan het geruite achtergrond-grid ook verslepen, met alle kaarten tegelijk. Als je er niet uit komt, dan kan je hier klikken voor de “oplossing”.

De memorisatie-etappe, twee jaar geleden bij de MWR nog ons sterke punt, bleek nu toch een pittige opgave, die veel tijd gekost heeft. IMG_8503Maar het blijft wel een leuk concept. Alleen eilandmemorisatie is nóg een mooier woord.

Op een gegeven moment, bij CP 23, komen we vast te zitten in een villawijk. Cul de sac klinkt chiquer. Alle wegen lopen dood. Uiteraard heeft de organisatie voor de complete route en alle denkbare varianten toestemming gevraagd, dus mét toestemming mag je ergens door. Een sneeuwruimende bewoner vertelt weliswaar dat er geen brandgang is tussen enig huis, maar hij voegt er trots aan toe dat zijn tuin wel een hek heeft aan de achterkant. En of we daar gebruik van willen maken. Voilà: toestemming. En een paar honderd meter bespaard. Goede Beslissing, zeg ik.

De tuin (en een hoop wegen en bospaadjes) leiden ons naar een speeltuin waar vrolijk gesleed wordt. Nou ja, sleeën verveelt ook op den duur, want alle kinderen willen weten wat wij nou al tien minuten lopen te zoeken. Tot we bovenop een schommel, maar verstopt  onder een dik pak sneeuw, een hoekje van een blauw CP kaartje zien. Klimmen. En natuurlijk weer netjes, onder een minstens zo dik pak sneeuw, achterlaten. 🙂

Alsof we nog niet genoeg geklauterd hebben zijn de volgende 6 punten allemaal klimtoestellen. En de opdracht luidt: noteer het hoogste CP nummer. Uitzoeken dat 34 boven 32 en 33 is geplaatst kost minder tijd dan beslissen of het zo simpel is als het lijkt of dat er nog een addertje onder de 3 meter 30 zit. Het blijkt dat we de zoveelste Goede Beslissing van de dag nemen.

kasteelDan volgt weer een prachtig stuk. Hebben we soms het gevoel dat we door een onbewoonde witte wereld rennen op zoek naar dingen waarvan geen sterveling vermoedt dat ze bestaan (de blauwe kaartjes), dan weer passeren we een kasteel met een hoop flanerend gepeupel in de tuin en mensen met hond. Erg verrassend. Zo zeer zelfs dat we even later in ons enthousiasme de opdracht bij CP 31 overslaan. We springen slootje op weg naar CP 32 maar kunnen dus weer terug. De opdracht levert CP 33 op, uiteraard aan de overkant van een watertje, maar dezelfde beek die net nog overspringbaar was blijkt op dat punt wat breder. Omlopen is voor watjes, dus tot aan de knieën worden we nat. Maar dat deert niet met een O-crew survival broek.

Is het nog ver? is de  hamvraag als we aan het eind van de 2e etappe de kaarten voor de, hopelijk, laatste krijgen. We hebben dan al bijna 41 km gelopen. Genoeg. Maar het is pas half drie, dus qua tijd zitten we op ongeveer 2/3. Als alles proportioneel gaat hebben we nog een halve marathon te gaan. Mijn laatste Snickers bewaar ik dus nog maar even. (For the record: de laatste etappe lopen we in exact 3:00 uur, en 18,0 km.) Ruim een half uur staan we te tekenen met coördinaten, te puzzelen met losse stukken kaart en te plannen met handelsreizigersproblemen en verspreide punten. En dan is er nog het railroadblock. Óver het spoor gaan was niet toegestaan ter lengte van de rode lijn.

Óver het spoor gaan was niet toegestaan ter lengte van het (rode) railroadblock.
Óver het spoor gaan was niet toegestaan ter lengte van het (rode) railroadblock. Maar over ónderdoor werd niets gezegd.

Maar over ónderdoor werd niets gezegd. We plannen in eerste instantie om via CP43, CP44, CP47 en CP46 naar het spoor te rennen en te kijken of daar misschien een tunnel is, wat op de kaart niet direct te zien is. Maar omdat we bij CP47 ontdekken dat we de kaarten van de vorige etappes hebben laten liggen, en die -wie weet- nog van pas kunnen komen, gaan we terug naar CP42, het kaarttekenpunt. Vanaf daar is ineens de route naar CP53 aantrekkelijk geworden, en dus ook CP45 en wellicht ook het nog in te tekenen CP50 waar we op CP45 de informatie voor zullen vinden.

Het blijkt uitstekend uit te pakken. Na CP50, vlak bij CP45, moeten we naar CP46. Zou er een alternatieve route zijn? Een blauw lijntje op de kaart lijkt onder het spoor door te lopen, dus waarom zouden wij dat niet kunnen? Er blijkt inderdaad een soort zinker onder het spoor door te lopen, een buis van een meter doorsnede waar het beekje door stroomt. Wij blijken er op handen en voeten ook nog bij te passen, en komen -ook al zou niemand het hebben gezien als we 30 meter verderop over de overweg zouden zijn gelopen- met een schoon geweten aan de overkant van het virtuele rode obstakel. Als dat geen Goede Beslissing was?

Dat was niet de eerste tunnel vandaag. Want direct aan de start van de laatste etappe bleek CP43 zich ook al onder het maaiveld te bevinden. Allemaal iets té toevallig dat zich daar een survivalbaantje bevond met een gat in de grond, én een van de organisatoren met een fototoestel.

SAM_0260SAM_0261SAM_0262SAM_0263

Survivalheld Patrick had het genoegen down under te mogen gaan en het CP nummer te noteren (want hij had van ons beide het donkerste shirt aan en dan zie je de vlekken niet zo).

Nagenoeg vlekkeloos verliep de rest van de etappe. Strak oriënteren, slim plannen, en stevig doorlopen. We leerden dat wanneer een CP min of meer in het midden van een perceel lag, niet aan een pad op de kaart, daar gewoon telkens een paadje heen liep. Tja, zo’n tocht als vandaag stippel je kennelijk uit op de fiets…

snijpunt
Ondanks de verwachte nauwkeurigheid van het snijpunt van hooguit een paar honderd meter, blijkt achteraf dat het punt dat we ter plaatse tekenden op de kaart dead-on was. Louter toeval. We lopen onder de hoogspanningslijn (zwarte streep met knik) door de boomgaard (veld met bolletjes), maar geven een paar meter te vroeg op.

Enthousiast, maar kennelijk ook moe, renden we CP61 voorbij, bedenkend wat er bij CP63 voor aanwijzing te vinden zou zijn die een half uur bonustijd op kon leveren. We zouden nog even nieuwsgierig moeten blijven, want we holden eerst nog even terug naar CP61. Onderweg kwamen we inmiddels ook andere teams tegen die de derde etappe in een andere volgorde liepen. Bij CP63 vonden we dat CP62, het bonuspunt, lag op het snijpunt van een koers vanuit knooppunt 35 (een fietsroutenetwerkknooppunt – red.) -daar waren we net, toen we CP61 alsnog scoorden-, en een koers vanuit Telgt, wat een gehucht 2 km noordelijker is. Dat het 30 minuten extra winst op levert is nu wel begrijpelijk, want het lijkt een bijna onmogelijke opgave. Een foutje van 1 graad -de resolutie van een geodriehoek- op 2km afstand resulteert in een fout van ±35 meter. Daar komt bij dat Telgt weliswaar klein is, maar toch, met 860 inwoners, geen punt. Op de wandelkaart op het bord waar we naast stonden was Telgt een stip zo groot als een erwt, maar dan wel een met een straal van 50 meter. Neem daar bij het gegeven dat de twee peilingen een hoek van slechts 30° met elkaar maakten, en je komt al gauw uit op een strook van 170 bij 300 meter. Kortom, de 5 hectare waar CP62 kon liggen afzoeken naar een kaartje van 50 cm², dat was nog erger dan een speld in een hooiberg. Met enig gezond boerenverstand kwamen we op een stuk of drie kandidaat-locaties, en besloten we de route van de hoogspanningslijn door de boomgaard te volgen (zie kaartje). Echter, bij de weg ten noorden daar van gekomen gaven we het op, want de kans dat ons getekende snijpunt -dat we puur indicatief veronderstelden- op de speld uitkwam achtten we nihil. Dit gebrek aan vertrouwen blijkt achteraf ongegrond, want het CP schijnt een paar meter ten noorden van de weg gehangen te hebben, exact waar we toevallig ons kruisje tekenden. Niemand vond dit punt…

Finish

IMG_8586
De winnaars hebben nóg lange lol van de tocht.

De schemer valt in, de winegums en het water raken op, en we zitten er helemaal doorheen, als we de laatste punten op een luchtfoto succesvol lokaliseren. (Later blijkt dat veel teams de hele luchtfoto niet hebben weten te lokaliseren, laat staan de punten er op.) De geur van de finish sleept ons door de laatste meters en doorntakken, en exact om 18:00 melden we ons weer bij de gastvrije Scouting-keet die vandaag start en tevens finish is.

Het zit er op. Er zijn warme douches, pannen erwtensoep, roggebrood met spek, bier, droge kleren, en blije koppen van uitgeputte maar voldane mede-deelnemers. Het was weer een prachtige race, 58 km genieten van fysieke en mentale inspanning tussen bepoedersuikerde landschappen. Laat er nou ook een bus van dat witte spul in het prijzenpakket voor de winnaars zitten, naast andere winterse lekkernij, zodat het genieten ook na de finishvlag nog een tijd doorgaat. Het was weer een epische tocht, waarvoor we de organisatoren, Team Chickenpower, hartelijk bedanken. Ze hebben wederom een heel scala oriëntatietechnieken weten te combineren met een mooie toch, prachtig weer, een uitdagende afstand, uitstekende organisatie en faciliteiten, en een aantal briljante hindernissen, zoals het railroadblock in combinatie met de zinker. MWR2015_Omap_PaalbergEen opgave als “noteer het hoogste CP nummer” neigt naar een Woudloper-opdracht. Leuk!

En wil je het nog een keer nabeleven? Dat kan op de site 2DReRun van oriënteur Jan Kocbach. Als je ook een GPS-track hebt en me die mailt kan ik die toevoegen. Wist je dat een van de terreinen waar we vandaag door kwamen soms het toneel is van een IOF oriëntatie wedstrijd?

Gekleurde vlakjes

SAM_0237Of ik weer zo’n verslag als vorig jaar ging schrijven – dat was een veel gehoorde vraag na afloop. Hier is het dan. De conclusies van de statistische analyses van vorig jaar blijven overeind, dus die hoef ik niet te herhalen, maar ik zal de gekleurde uitslagentabel weer toevoegen. De deelnemers houden immers wel van een rekensommetje en wat meetkunde, anders waagden ze zich hier niet aan.

Wat opvalt is dat de laatste etappe #3 door de meeste teams maar marginaal is bezocht. Het was dan ook best ver. Sommige teams zijn duidelijk selectief te werkt gegaan, wat ze geen windeieren heeft gelegd. Met 20 overgeslagen punten viel een 3e plaats te scoren.

Klik op de tabel om deze in leesbaar formaat te bekijken.
Klik op de tabel om deze in leesbaar formaat te bekijken.

Relatief veel punten werden verloren op de koersen tijdens de proloog. En maar ongeveer de helft van de teams bezocht (of vond) de intekenpunten. Ze geven de voorkeur aan de punten die al op de diverse kaarten waren aangegeven. En niet alleen de punten waarvoor je onderweg pas aanwijzingen kreeg werden overgeslagen, ook een flink aantal van de tevoren te bepalen coördinaten en peilingen. Opvallend genoeg is CP18, waarvoor je in het veld een projectie moest maken, en die de verkeerder kant op lag, juist wel weer vaak is bezocht. Het vinden van een nummer op een lantaarnpaal bleek extreem lastig (CP23), evenals het bepalen van het snijpunt van twee peilingen (CP30 en CP62). Een aantal teams sloeg (tactisch) de memorisatie over, en heeft dus ook geen tijd verloren met het zoeken naar het beruchte punt dat er niet was.

taartEn waar wij onze tijd aan hebben besteed? Kijkt hier naast maar. Dik 4½ uur -bijna de helft van de tijd- hebben we gerend, gemiddeld 10.7 km/h. Alles onder de 6 km/h heet “lopen”, en onder de 3 km/h heet het “stilstaan”. Dat kost overigens knap veel tijd als je het bij elkaar optelt, ongeveer 3 minuten per CP.

In kilometers hebben we ruim 86% gerend. En toch maar 78% van de tijd? Hoe kan dat? Simpel: het aantal uren dat we snelle kilometers maakten is naar verhouding minder dan dat we langzamer kilometers maakten, omdat we die kilometers sneller gingen. Denk daar maar eens over na…

 

WOR4: Het 3e avontuur!

Goed!

Geen verhaal over wat er fout ging: want bijna alles ging goed!

Wat zullen we nou krijgen? 2014 zonder WOR (da’s de Woudlopers Oriëntatie Run)? Een regelrechte ramp! Maar gelukkig duurde het in 2015 maar 9 dagen tot het zo ver was. 10 januari, 8:00, begon het feest, toen ik bij Tijsbert instapte en daarmee team Fiat Fiasco compleet maakte. Nee, niet team The Nerds Running from Hot to Her dit jaar (dat was in 2012 en 2013). Maar wel met evenveel zin in een nieuw avontuur.

De complete route zie je in mijn DOMA-archief kaart ; de losse kaarten hier kaarten. En onderaan deze pagina staat een link naar http://3drerun.worldofo.com/ waar je de route van een aantal deelnemers geanimeerd kan zien. Leuk!
14-01-2015 17-24-10
“Fiat Fiasco” heeft niets met auto’s te maken. Het staat voor Fysica In Abstractum (of Alcoholum) Tenere. Het fiasco slaat op een mislukte fiets met vier wielen en dito zadels die nooit gebouwd is. Maar dat was 25 jaar geleden.

Doorgewinterde vrienden zijn we (al was het met +13 graden °C geen winter te noemen), dus aan de samenwerking zou het niet liggen. Nergens aan eigenlijk. Het zou een geweldig project worden. Misschien een beetje conditiegebrek. Er was nog bijna een uur in de auto om Tijsbert te vertellen wat de Woudlopers in petto zouden kunnen hebben. En om een strategie te bedenken.

Maasmechelen, 9:00 : harde wind, storm bijna. Regen in de lucht. Natte straten. En een bowlingbaan. Met koffie, en langzamerhand steeds meer bosatleten in strakke pakken, gewapend met kompassen, liniaals, en watervaste pennen. Het gaat namelijk heel nat worden, denkt iedereen. Nee, koud is het niet, maar alle andere weersomstandigheden die het weercijfer tot onder de 3 laten zakken, trekken over.

9:45: De uitleg begint. Nieuwe regels, dubbelzinnige aanwijzingen, onbekende elementen. Zouden de beelden uit de Huistaak-in-Youtube-formaat op hun plek vallen? Het zou tot na tienen duren voordat de enveloppen met de kaarten open mogen gaan, en de gemoedelijke sfeer omslaat in een nerveus gelees, geteken, gemeet en gereken.

Een half uurtje later hebben we een plan. Tot in de puntjes, met alles wat we weten ingetekend op de kaarten en in het roadbook. Simpelweg omdat het 100% nat gaat worden en dan onderweg “even een stipje op een papieren kaart zetten” geen optie is. Maar dit keer is de gegeven volgorde van de checkpoints (CP’s) min of meer logisch, dus dat scheelt al een handelsreizigersprobleem (daar heb ik na mijn Sinterklaascache van afgelopen jaar ook even genoeg van). De helft van de teams blijkt al vertrokken als we opspringen en naar buiten rennen. Tactisch of sloom van ons?

Op pad

Het begint makkelijk. Tussen de eerste 2 CP’s in spotten we al meteen een valse. Ja, die zijn er ook. (Lees even het verslag van mijn 1e WOR, twee jaar geleden, waarin ik uitleg hoe zo iets in zijn werk gaat.) Maar het eerste deel van de Youtube opdracht eindigt waar een ander filmpje van een paar jaar geleden begon: ik had hier al eens aan een klassieke oriëntatieloop deelgenomen. Het blijf een indrukwekkend terrein…

Het derde, vierde en vijfde punt lijken ook al zó eenvoudig -zeg maar standaard oriëntatieposten- dat er een addertje onder het gras moet kruipen. Er volgt een peiling met vier afstanden en koersen. Maar met pen en papier bepalen we snel dat:

>> [35,45,40,350,35,270,65,165];fprintf('CP C ligt vanaf CP3 precies %0.1f meter naar het oosten en %0.1f naar het noorden!\n', ans(1:2:end)*[cos(d2r(ans(2:2:end)));sin(d2r(ans(2:2:end)))]')

CP C ligt vanaf CP3 precies 1.4 meter naar het oosten en -0.4 naar het noorden!

Vlakbij dus. Eigenlijk gewoon hetzelfde CP-bordje. Alleen, rondkijkend, blijkt er 10 meter verderop nog één te hangen. Één van de twee moet vals zijn, dus het is wel zaak de juiste te bepalen. Anders is de straf dubbel zo hoog.

Het volgende punt, CP D, is nog makkelijker. Ingetekend aan de hand van Woudlopers-coordinaten 685685-211835 lijkt het verdacht veel op een kruispunt met een CP op de hoek, en dus noteren we het CP op de hoek van het kruispunt. Amai, dat kost ons drie kwartier aan straf! Maar dat blijkt later pas bij het bekendmaken van de uitslag. Op het moment zelf, in het veld, geen haar op ons hoofd die er bij stilstaat, dus rennen we achter ons kapsel aan naar CP 4.

U ziet, ze staan wel op numerieke volgorde, maar dan in een vrolijke cijfer-letter mix waarbij de genummerde CP’s 30 strafminuten op kunnen leveren, en de geletterde 45, want die zijn speciaal, dus moeilijker. Er volgen in rap tempo drie nummers, een letter, en weer een nummer, en we zijn alweer van de kaart. Maar niet voordat we boven op de top van de Terril (bult puin uit de mijnbouwtijd) Foto540-FK7MENKBwaren geweest, daar bijna af waren geblazen, en 9 minuten verloren omdat we op de verkeerde plek zochten met een kaart uit de vorige eeuw. Dat hoort er bij. Er is iets meer bos bijgekomen, dus meenden we dat we noordelijker zaten toen we vanaf het uitzichtbultje langs de bosrand naar het westen liepen en zuidelijk van het pad zochten naar een CP dat noordelijk er van lag. Gelukkig was er tussen de vier andere teams die daar verkeerd liepen te zoeken 1 die het door had en hem wel vond. En wij even later ook…

Feest

Daarna begon het feest pas echt. De ene na de andere vondst -qua instinkers en originele opdrachten- werd gepareerd met een vondst van een CP. Meestal het juiste, zal blijken.

  • We liepen al een half uur lang rond met een lege ballon. Wat zou je met zo’n ding moeten doen? Tot je bij CP8 leest “OPBLAZEN”. Had je al die tijd het juiste controlenummer al op zak, zo bleek!
  • Als Woudlopers een punt bij een ‘standaard’ oriëntatiepost leggen is dat natuurlijk niet zo’n heel standaard punt. Dus zou CP9 niet bij een muurtje liggen, als er vlakbij niet nóg een stenen wandje was. Toch echt verschillend op de kaart, maar 1 op de 3 teams tuinde er maar mooi in.
  • Als er dan ergens een doolhof van meertjes is, kan het haast niet anders dan dat de route daar doorheen loopt. Natte voeten lijken onvermijdelijk, maar zwemmen gaat net weer wat te ver. Pas aan het eind van de route zouden we zo doorweekt zijn dat ook dat niet meer uitmaakt. Nu is het een leuke puzzel. Kennelijk maken we toch een foutje en staan ineens voor een hek. Natuurlijk, het verboden bouwterrein waarover de briefing repte. Stom, helemaal vergeten. Er omheen dan maar, en buiten de hekken om lopen we naar CP13 waar andere teams vanuit de tegenovergestelde richting arriveren. Het is dus ongeveer even lang.
  • Twijfel slaat toe als we het 7e paaltje vanaf CP13 zoeken, waar een buis in de grond moet zitten. Hoeveel buizen zouden ze verstopt hebben. Alsof we gek zijn noteren we alle informatie uit de buis bij het 6e paaltje, en even later ook die het 7e. Beide verwijzen gelukkig naar de zelfde locatie voor CP H.
  • Met het thema buizen nog vers in het geheugen, meldt CP H ons waar we CP I gaan vinden, met daar bij een foto van weer een buis met deksel. Dat kennen we nu wel. Uiteraard staan er bij CP I twee buizen, een korte en een lange, zodat we voor de zekerheid nog even naar CP H terug gaan om het te verifiëren. Volgens de uitslag had bijna de helft van de teams dat beter ook kunnen doen. En wij dan weer niet, want we hadden het al goed gegokt.
  • Onderweg langs CP15 t/m CP20 komen herinneringen aan Het Monster van Leksbergen op. Nu lichter qua licht, maar zwaarder qua natte blubberbende.
  • Bij CP20 moeten we het hek volgen tot aan CP K. Dat staat er. Maar waar heen? CP21, het daaropvolgende punt, ligt aan de andere kant van het het afgesloten terrein. Kan je daar misschien op twee manieren omheen? We besluiten de westelijk route te nemen. Onderweg vinden we achtereenvolgens aanwijzingen voor de koers en de afstand naar CP K. Maar je weet het nooit, die zouden er ook bij een noordwaarts vertrek kunnen hebben gehangen. Doen we het goed? We lopen op eieren…en door de doorntakken.
  • Bij CP21 (die op 2 kaarten staat, maar uiteraard pas op de 2e -de andere- nauwkeurig met pijl) maken we een peiling, naar een blauwe ton. Dat lijkt eenduidig, tot je ter plaatse drie dezelfde tonnen vindt met allemaal een CP L er op. Goed kaartlezen met als resultaat dat we tot nu toe, op die ene in het begin na, nog geen enkele denkfout hebben gemaakt.

Schiettent

Dan zijn we halverwege. Met een gezellig knetterend vuur in een korf worden we welkom geheten door de organisatoren, die een transformatorhuisje hebben getransformeerd tot schiettent. Zij zijn gehaaster dan wij, lijkt het, of ze proberen ons weer op weg te helpen voordat de volgende teams arriveren.

Foto720-JRNFXQEF Foto720-Y8UDM3M3
Nu is duidelijk waar de 6 loden luchtbukskogeltjes voor zijn die samen met de lege ballon in de kaartenmap zaten. Vier er van schieten een blikje omver, twee ketsen af op de muur. Maar genoeg raak kennelijk om de aanwijzingen te verdienen zonder welke CP P1 en P2 een loterij zouden blijken.

  • In een verduisterde schakelkast, die van binnen is opgeleukt met zwaai- en knipperlichten lezen we de opdracht voor CP M. neusAlle zintuigen worden benut vandaag. Maar de vraag is: wat is ajuin ook alweer? Want we moeten “het nummer op de boom het het ajuin spuitertje” vinden. Geen gelegenheid om op te zoeken dat het “een eetbare, uit laagjes bestaande bol is met een scherpe geur en pittige smaak, die in snippers of ringen gesneden wordt en warm of koud gebruikt wordt als groente of als smaakmaker in gerechten.” Wat dit is? “Een ui, zullen de meeste Nederlanders zeggen. Maar de Vlamingen zeggen ajuin. Het woord ajuin is ontleend aan het Franse oignon. Het Franse woord gaat op zijn beurt weer terug op de Latijnse vorm ūniōn. Ajuin verdrong in de 13e en 14e eeuw het Nederlandse woord look. Als benaming voor ui is look helemaal verdwenen, maar we zien het nog wel terug in woorden als knoflook en bieslook.Het woord ui is van oorsprong een Hollands-Utrechtse dialectvorm die ontstond uit de Middelnederlandse vorm uijen. Het woord uijen is weer een variant van ajuin, afkomstig uit de Brabantse, Zeeuwse en Vlaamse dialecten. Vanwege de -en aan het eind werd uijen door de sprekers na verloop van tijd als meervoudsvorm opgevat. In de 17e eeuw ontstond daarom het nieuwe enkelvoud ui. [bron]
    De geur van Ui dus. In een vak van 10×10 meter staan 10 bomen met ieder een CP. Ongewis of we zoeken naar ui, bieslook, knoflook, aluin, of zo iets, ruik ik ineens, midden tussen 2 bomen, een scherpe lucht. Komt het uit de grond als ik ergens op trap? Zo lijkt het. Het is de wind, want een boom vlakbij heeft een bordje met een “K”. Dat zullen we dan maar noteren. Of wacht, we zochten een nummer! Verder zoeken. En voilá, een boom met nog zo’n geur en een getal er op. Drie andere teams blijken verkouden, en twee noteren de K.
  • Als een speurhond die aan de peper heeft geroken, zo blijkt onze speurzin van de ajuin-ervaring helemaal van slag. Niet dat we geen CP 24 vinden, maar het blijkt een valse. Op de kaart op een open plek, noordelijk aan de voet van een neus, maar daar vinden we niets. Dus noteren we het getal midden op de neus. Zal weg goed zijn. Fout! We hadden iets verder moeten zoeken dan deze/onze neus lang is. Maar bij 70 punten een halve minuut langer zoeken voor de zekerheid, daar win je geen WOR mee, dus dit is een gecalculeerd risico, zullen we maar zeggen.
  • CP N is een open plek. Nou ja, een stukje is open, de rest is ooit begroeid geweest met ielige boompjes, die en masse zijn omgewaaid. Is dat nu open of niet? Tijsbert vindt van niet, maar ik baan me er een weg doorheen om te constateren dat ‘open’ slaat op de situatie van vóór de storm, maar ná de datum van de IOF en NGI kaarten, want nergens een ander CP te zien.
  • Dat duurt overigens een post of wat, dat we telkens moeten wisselen tussen een oude NGI kaart een een nog oudere IOF kaart. Tijd voor een kaartenhoes waar 8 bladen in passen, zonder te hoeven prutsen in de regen.

IOF ← → IGN (ga met je muis over het balkje om de kaart te wisselen)

  • Foto720-P6RM37ETRoflol. Midden in het bos staat een paspop met een kartonnen Kalasjnikov, met om zijn nek een bordje Berenjager. Dat de argeloze voorbijganger niet denkt dat hij met een heuse bordkartonnen guerillastrijder te maken heeft. Foto720-JRNFXQEFWe volgen het dierenspoor. Veel te veel pootafdrukken op bomen, dicht op elkaar -té makkelijk-. Dit moet een instinker zijn. We botsen op een levensgrote knuffel-aap aan een boom, die OE-OE-OE roept. Als we ons omdraaien zien we nog één klein, verstopt, pootafdrukje, met daar achter een beertje. Jawel, we zijn er wéér niet ingetrapt. Foto720-4JH3TNDLDe Volvo van Ferdy die een foto van ons heeft gemaakt verdwijnt net achter een heuveltje…
  • CP P1 en CP P2 zijn met de extra informatie uit de schiettent goed te doen. Anders hadden we niet geweten op welk van de vijf hoeken van het kruispunt het juiste CP hing. Onderweg van CP Q naar CP R zien we iets verdachts. Weer een buis uit de grond, met twee afgedichte openingen bovenin. Dopjes open. Niks te zien. Zaklamp pakken (die hadden we nodig volgend de verplichte paklijst, dus zou het logisch zijn die te gebruiken).  In het kijkgat schijnen. Door de andere opening kijken. Een letter! Een geocache! Daar hebben we nu niets aan. Door naar het volgende punt.
  • Steropdracht heet CP S. 6 peilingen maken vanaf het midden, zoeken, cijfers verzamelen, en warempel, het vormt een telefoonnummer. Roaming aanzetten, en een vriendelijke stem geeft ons het bijbehorende CP nummer. Eitje.
  • Dan komen we bij een trap. De aanwijzing zou boven staan. Boven staat dat de code beneden staat. Wie had dat gedacht?

Visafslag

  • Na een zoektocht bij een klaphek naar een nummer, begint de visgraat. Vis, afslag, snapt u wel? Het lijkt zo simpel. En dat vond 100% van de teams (die tot hier geraakten). Dezelfde 100 die een kruising met een mini-brinkje met 3 bomen voor 1 pad aanzagen en rechtdoor liepen en vervolgens een pad rechts lieten liggen. De juiste oplossing was linksaf te slaan bij het ‘2e pad’ van deze mini-brink en naar het zuiden te lopen. Dan was je bovendien een halve kilometer eerder bij het spoor. Wij waren dat niet.
  • Een verlaten spoorlijn. Of was hij niet verlaten? Het CP zat op een spoorbiels pal zuid van het vorige (valse) punt. Dus die was goed!

    Doordacht: Één foutje bij de W.O.R. leidt niet meteen tot een waterval aan strafpunten. Daarin onderscheiden de makers zich zeker.

    (Mooi niet! Maar ze hebben er ook voor gezorgd dat je door bij een instinker een fout te maken hierdoor ook niet automatisch bij het volgende CP nóg een fout maakt. Bijvoorbeeld door vanaf het valse CP een azimuth te leggen, want dan maak je het volgende CP automatisch ook fout, en dat is niet leuk. Zo lag er zowel zuidelijk vanaf het juiste als het valse CP een CP W met controlegetal 30.)
  • Soms weet ik het ook niet meer. Zoals bij CP X. Daar hangt een briefje op een boomstronk met opschrift “22 links”. Waarvandaan links? Dat hangt er maar net vanaf waar je vandaan komt. Maar pal daar onder hangt een pijl naar rechts. Althans, er hangt een pijl. Als ik niet weet wat links is weet ik ook niet of dat rechts is. Moet ik in de richting van de pijl kijken, en vanuit dat standpunt 22 meter linksaf gaan? We zoeken, maar daar hangt niets. Echter, 22 meter in de richting van de pijl wel. 22 meter in tegenovergestelde richting overigens ook. De ham-vraag is dan ook: wat dacht de Woudloper die dit verzon? Dan maar even logisch nadenken: “Als men direct ziet dat die pijl naar rechts wijst, dan is links de andere kant op.” En dat nummer vullen we dus in. Denk je dat het fout was?
  • Van elke fout die we maakten kan je stellen dat het ons de 1e plaats heeft gekost.

    Nee, het was goed. Maar CP 29 ging wel fout. Op de kaart een grote witte cirkel die hele kruising bedekt, zonder pijl. Maar wacht eens, in een andere hoek staat een ronde uitsnede “29” mét pijl. Die wijst naar het zuidelijke punt van de kruising. Dat nummer noteren we, maar wat we niet opmerken is dat de dennenboom-symbolen op de uitsnede gekanteld zijn, en dus ook de complete uitsnede. Instinker! En 45 minuten straftijd. Van de 60% van de deelnemers die hier überhaupt is geweest, heeft 58% het fout. We zijn dus weer in goed gezelschap, maar het kost ons wel de 1e plaats.
  • Briljant! CP Z1 mag er wezen. In het Youtube filmpje hebben we een vlaggencode ontcijferd. Iets met een “Luik 21”. En inderdaad, daar hangt een bordje met dat opschrift. Dat het niet richting Luik wijst valt niet direct op. Er naast staat een verlaten leger-object met een aantal luiken, met Romeinse cijfers er op. Laat er nou net een XXI bij zittten…
  • Even lijkt alles gesmeerd te lopen. Een niet-triviaal geplaatst CP Z2 dat we zelf ingetekend hebben wordt in no-time gespot. CP32 heeft wat complicaties, omdat er een nieuwe weg blijkt te zijn ontstaan in het bos. We snijden af, maar komen daardoor op een verwacht punt uit. Heroriënteren, en -hopla- ook gevonden.
  • Dat CP Z3 vergezeld is van een spoiler-foto lijkt wat overdreven, want we zien hem zo hangen: het bordje “Vakantiehuis Fabiola”. Maar wacht, op de foto wijst het de andere kant op. Het blijkt een ander bordje. We zijn voor geen gat te vangen.
  • Wat de dopjesroute is hadden we bij vertrek al door toen we een ketting met PET-fles dopjes bij de kaarten vonden. We noteren de volgorde, rood = rechtdoor, groen = links, blauw = rechts, en overwegen het plastic thuis te laten. Goed dat we dát niet deden. Want nu pas zien we dat we op de kruispunten waarvan de overeenkomstige dopjes van een Colson-bandje zijn voorzien, we een code moeten noteren. En die bandjes hadden we voor het gemak aanvankelijk over het hoofd gezien. Door het oog van de naald, en door de dop. Hoeveel valse posten hier verder hangen? Geen idee, maar we zien er diverse.
  • De oriëntatieposten die volgen zijn gesneden koek. Zo te zien zijn ze van een ‘gewone’ oriëntatieloop uit het verleden geleend. Niet instinkerig maar ook niet eenvoudig.

En dan zijn we er. Bijna. De kraan gaat open, het water stroomt met bakken uit de hemel. Alles wordt nat, maar dat geeft niet meer. Alleen de winegums -onze lunch- worden een beetje vies plakkerig. Maakt niet uit, we zien het eindstation al, toepasselijk aan het eind van een spoorlijn. Weliswaar niet het CC, maar we moeten ff bellen om onze eindtijd door te geven. Zouden we wel ontvangst hebben? We staan zo dicht op de GSM-mast… 15:28 wordt genoteerd. We zijn gewoon binnen de tijd binnen!

Uitslag

1,5 km lopen nog tot de bolwling. Spierpijn slaat toe. Zouden we de eersten zijn? Bij binnenkomst zit de mannelijke variant van team de Bospoezen al aan het  bier. Al drie kwartier, want dat rijmt. Zouden ze een special-opdracht meer fout hebben dan wij? Ach, wat doet het er toe? We doen mee voor de lol. Maar time flies when you’re having fun (en fruit flies like bananas), dus het feest is over voor je het weet. En dan? Als je wint heb je nog langer lol! Dus willen we winnen – omdat dat leuk is. De spanning is om te snijden. Nou ja, eigenlijk is het een gemoedelijk na-praten. Alle belevenissen komen weer bovendrijven. Met een grijns van oor tot oor vertelt iedereen waar ze denken dat ze de mist in gingen. Helemaal blij ben ik als de Leffe Blond op blijkt en er een Karmeliet Tripel voor mijn neus wordt gezet. Laat die uitslag maar komen. Als de teams van achter naar voren worden afgeroepen worden we tot en met de derde plaats niet genoemd…

Statistieken zijn interessant. Zo zie je dat best veel teams alle CP’s hebben afgelopen: 6 van de 20. En 2/3 van de team hebben 3/4 van de punten bezocht. Er zijn meer fouten gemaakt met specials dan met standaardposten. Niemand had meer dan 20% fout. Maar het laagste percentage fouten werd uitgerekend gemaakt door team Foutlopers.

Lang verhaal kort maken

Om een lang verhaal kort te maken: we hebben niet gewonnen. Balen? Nee, want alles klopte gewoon perfect: onze fouten waren gewoon echt fout. Daar was niets tegen in te brengen. En het was nog begrijpelijk ook, want gelukkig waren de fouten die we maakten ook gemaakt door 81% (CP24), 58% (CP29), 68% (CP D), en 100% (CP V) van de andere lopers. Dus we zijn niet helemaal gek. Zoals gezegd: we maakten 1 foutje te veel om te winnen. Of we hebben 18 seconde te lang gezocht per CP. Of we hadden 47 seconde sneller moeten lopen per kilometer. Dat klinkt dan weer als veel. Op de officiële site van de Woudlopers Oriëntatie Run kan je de uitslag vinden. Ik heb er nog wat kleurtjes aan toegevoegd:

‘Specials’, posten die 45 minuten straftijd opleveren. In de onderste rij zie je hoe de teams presteerden. ‘Incorrect’ is het aantal niet-juiste antwoorden, dus ook de gemiste punten. ‘Gevonden’ is het aantal CP’s waarvoor iets in ingevuld. ‘Fout’ is het aantal daarvan dat fout is, of het percentage van de fout ingevulde waardes.
De ‘standaardposten’ , de maar 30 minuten kosten bij een fout. De onderste rijen zijn weer het zelfde als in de vorige tabel. Maar interessanter zijn eigenlijk de rechter kolommen (ook die in de vorige tabel). Daar zie je welke posten het meest bezocht zijn, en welke veel fouten opleverden. Verder naar onderen worden CP’s meer overgeslagen, maar opvallend zijn daar tussendoor CP26, CP.J, CP.N en CP.S, die kennelijk uit de route lagen of te tijdrovend leken, en werden overgeslagen.
Van alle bezoekers gingen de mist in: 35% bij CP9, 44% bij CP.C, 45% bij CP.I, 50% bij Z2, 56% bij CP.O, 58% bij CP29 en CP.L, 68% bij CP.D en CP.K, 81% bij CP24, en de kroon spant CP.V, waar 100% van toeten noch blazen wist.

En dan wil ik jullie deze grafiek niet onthouden, die nogal contra-intuïtieve conclusies suggereert.

Had ik de percentages gevonden en foute CP’s, en de tijd per CP, tegen de score uitgezet, dan was er een voor de hand liggende trend te zien. Maar dit is veel leuker: Het blijkt dat als je meer tijd besteedt per post, je er minder vind (rood). De tijd gaat dus toch niet in het zoeken zitten, maar in de juist tijd er tussen. Dat de score oploopt (blauw) bij minder gevonden CP’s is triviaal. Maar het is wel bijzonder dat wie meer tijd neemt per punt, meer fouten maakt ;-). Dat verwacht je niet. Er is één duidelijk uitzondering, maar die bevestigt de regel, denk ik: de Foutlopers.

Foto540-SRWWABGTVolgend jaar weer? Zeker weten! Het was weer 28 km boordevol uitdaging onder barre omstandigheden. En het was voorbij voor we het wisten. Dus, Ferdy, Lisette, Ivo en Rob, bedankt voor dit avontuur, en begin maar vast met onnavolgbare gedachtenkronkels op de kaart zetten.

Het Roadbook:

RoadbookWOR2015_1 RoadbookWOR2015_2

Opnieuw beleven

Ook leuk: bekijk hier alle routes van de deelnemers. Zet de snelheid in [Replay Mode] op [50x], zet [AutoCenter] op [On] en klik rechtsboven op [Play]. Het duurt even voor er wat beweegt want niet iedereen begon meteen om 10:00 te lopen. Zet eventueel de [Tail] op [Max] en de [Time slider] op [On] om met de hand door de tijd te scrollen.